De ramp
De eerste dijkdoorbraken.
Het moet ruim voor hoogwater zijn geweest dat de Oostelijke havendijk, ook wel Veerdijk
genoemd, is doorgebroken.
In tegenstelling tot de zeedijken, die een waterkerende hoogte hadden van ongeveer 5,90 m
boven N.A.P., had de havendijk maar een waterkerende hoogte van ± 4,70 m boven
N.A.P.
Het was dus logisch dat dit de eerste dijkdoorbraak zou zijn. De havendijk brak op twee
plaatsen door. Tussen dijkpaal 52 en 53 en tussen dijkpaal 57 en 58. De Veerdijk had ook
nog minder zware beschadigingen. Hierop wordt in een later stadium teruggekomen.
|
Eén van de kleinere beschadigingen van de Veerdijk. Op de achtergrond de Stoofdijk. Rechts, niet zichtbaar, de Haven. |
Bijna tegelijkertijd moet de zeedijk van de Margaretha polder ook op twee plaatsen zijn
doorgebroken.
Een vloed van water stortte zich in de betrekkelijk kleine Margaretha polder.

In het bovenstaand figuur ziet u de Margaretha polder met de dijkdoorbraken.
Op de verbinding van de Kloetsedijk met de Stoofdijk bevond zich een verlaagde overgang.
Dat wil zeggen over ongeveer 20 meter was de binnendijk verlaagd. De afrit naar de
Buurtweg was de oorzaak van deze verlaging. Dat was dus eigenlijk een gat in de
binnendijk.
Het water stroomde door dit gat met een geweldige vaart de Oud-Kempenshofstede polder
in (B).
Dit had twee dingen tot gevolg.
Ten eerste werd de druk van het water op de Stoofdijk minder. Eigenlijk was dit het behoud
van de Stoofdijk.
Ten tweede, en dat was fataal voor de bebouwing op de Kloetsedijk, werd het gat steeds
groter, zodat in ongeveer een kwartier tijd al de huizen op de Kloetsedijk door het water
werden verzwolgen.
Acht huizen stonden hier en 42 mensen vonden hier de dood. Slechts enkelen hebben het
overleefd.
A.J. Smits, inwoner van Stavenisse, schrijft hierover in zijn boek "Stavenisse door
storm en vloed verwoest":
"...Wat hier in een korte spanne tijds heeft plaatsgegrepen, zal nooit
gezegd kunnen worden. Door de aanstormende golven werden de huizen, die hier op de dijk
gebouwd waren en waar velen een wijkplaats in hadden gezocht, de een na de ander
omgeworpen. Het puin werd honderden meters door de stroom meegevoerd en de lijken van de
slachtoffers zijn later kilometers verder het land in gevonden..."
Bijna tegelijkertijd was ook de Stoofdijk, een binnendijk, op twee plaatsen
doorgebroken. Een doorbraak bij de uitwateringssluis en een doorbraak ter hoogte van de
coupure zuid (A).
![]() |
![]() |
| (B) De verlaagde overgang tussen de Stoofdijk en de Kloetsedijk enkele dagen na de ramp. Waar eens 8 huisjes stonden is nu een gat van ± 10 meter diep. | (A) De doorbraak van de Stoofdijk ter hoogte van de coupure zuid. Op de achtergrond enkele binnenvaartschepen in de haven |
Dit had tot gevolg dat het water de Stavenissepolder alsmede het dorp
binnenstroomde. In
eerste instantie had dit nog niet zoveel te betekenen. Het waren betrekkelijk kleine gaten
en de Stavenissepolder was een grote polder.
Dit alles, hoewel ernstig genoeg, was echter nog maar de prelude tot de eigenlijke
catastrofe die zou leiden tot 153 slachtoffers in Stavenisse.