Wantansoep is een geurige bouillon met daarin deeglapjes gevuld met bijvoorbeeld gehakt, kip, ui en rijst.
25 wantanvelletjes, vers of diepvries - 1-2 eetlepels rijstebloem - 1,2 liter kippenbouillon (van tablet mag) - 150 g kalfsgehakt - 150 g kipfilet - 2-3 sliertsjalotten of voorjaarsuien - 2 eetlepels gekookte snelkookrijst - 1 eiwit - 100 g paksoi - 1 eetlepel lichte sojasaus - 1 theelepel zout - 1 theelepel versgemalen witte peper - snuf suiker - 150 g strochampignons (uit blik)
Leg de wantanvelletjes op een gelijkmatig met bloem bestoven ondergrond. Breng intussen in een ruime pan de bouillon aan de kook.
Doe het gehakt in een kom. Snijd de kipfilet zeer fijn, of maal het vlees in een blender. Vermeng dit met het gehakt.
Maak de sliertsjalotten schoon. Snipper het wit en snijd het groen in ringetjes. Vermeng het wit van de sjalotten met de gekookte rijst en het gehakt.
Schep 1 volle theelepel van dit mengsel op elk wantanvel.
Klop het eiwit los. Vorm elk vel tot een buideltje en plak eventuele losse randen met het eiwit dicht.
Blancheer de gewassen paksoi in de hete bouillon en schep de blaadjes er na 2 minuten uit. Leg ze apart.
Doe de wantans voorzichtig in de bouillon en laat ze in ca. 8 minuten op laag vuur gaar worden. Let op dat ze niet uiteenvallen.
Voeg de paksoi er in de laatste minuut weer aan toe en breng de wantansoep op smaak met sojasaus, zout, peper en suiker.
Voeg de uitgelekte strochampignons toe en schep de soep snel maar voorzichtig in warme kommen. Serveer direct, anders vallen de wantans uiteen. Bestrooi tot slot met de ringetjes groene sliertsjalot.
tip: u kunt de strochampignons eventueel vervangen door gewone champignons en de paksoi door bladspinazie.
Een warm voorgerecht of tussendoortje.
60 g snelkookrijst - 80 g rijstebloem - 8-10 geweekte bamboebladeren - olie
vulling: 100 g half-om-half of mager varkensgehakt - 1-2 teentjes knoflook - 1 eetlepel reuzel - 1 eetlepel sesam- of zonnebloemolie - 2 eetlepels lichte sojasaus - mespunt zout - mespunt versgemalen peper - 1 theelepel suiker - 1/4 theelepel vijfkruidenpoeder
Kook de rijst volgens de aanwijzingen op de verpakking en laat hem afkoelen.
Doe de rijstebloem in een ruime kom. Maak in het midden een kuiltje en schenk hierin 2 eetlepels kokend en 2 eetlepels koud water. Vermeng dit alles tot een soepel egaal deeg.
Kneed tot het goed elastisch is en vorm het deeg tot een rol van ca. 5 cm doorsnede. Snijd deze rol in 8-10 schijfjes. Laat de geweekte bamboebladeren uitlekken. Dep ze droog en bestrijk ze aan de binnenkant met olie.
Haal met een vork het gehakt uit elkaar. Pel de teentjes knoflook en pers ze erboven uit.
Verhit in een pan met dikke bodem de reuzel en olie en bak het gehakt op matig vuur even aan. Voeg de rijst, sojasaus, zout, peper, suiker en vijfkruidenpoeder toe en bak al omscheppend tot het geheel wat droog geworden is. Laat alles in de pan afkoelen.
Druk met de muis van de hand elk schijfje deeg plat en leg in het midden 2 volle theelepels vulling. Druk de randen van het deeglapje naar boven en knijp de randen, bevochtigd met wat water of eigeel, op elkaar.
Leg dit pakketje op een uiteinde van een bamboeblad en vorm het voorzichtig maar gelijkmatig drukkend tot een piramide. Vouw de rest van het blad eromheen en houd het pakketje in vorm door er keukengaren omheen te wikkelen.
Leg de pakketjes in een stoompan en breng het water in de onderste pan aan de kook. Laat de batjang nog 12-15 minuten op matig vuur stoven.
Serveer direct.
tip: gedroogde bamboebladeren zijn heel goedkoop en verkrijgbaar in Aziatische winkels. Week ze tot het blad zich makkelijk laat vouwen maar niet uiteenvalt. Hoe beter de kwaliteit, hoe steviger het is.
400 g Chinese langgraanrijst - water
De rijst in een zeef doen en kort met koud water afspoelen.
De rijst overdoen in een pan. Zoveel water opschenken dat de rijst ca. 1 cm onder water staat. Vervolgens op een hoog vuur onafgedekt aan de kook brengen.
Op de rand van de pan 2 hittebestendige stokjes leggen. Het deksel hierop leggen en op een matig tot laag vuur de vloeistof laten verdampen. Dit duurt afhankelijk van de maat van de pan 5-10 minuten. De rijst dan volledig afgedekt op een zeer laag vuur in nog eens ca. 10 minuten laten uitdampen.
noot: Chinezen vinden dat rijst, naarmate ze langer gaart, steeds beter van smaak wordt. U hoort overigens de rijst gedurende de kooktijd niet door te roeren. Hierdoor vormt zich op de bodem van de pan weliswaar een korst, die men in China de volgende dag frituurt! De rijst zouten, zoals wij Europeanen dat doen, past niet bij Chinees eten. In China eet men de rijst ook iets zachter dan in Europa gebruikelijk is.
8 middelgrote eieren - 1 eetlepel melk - 1 theelepel lichte sojasaus - 1 theelepel rijstwijn of witte wijn - zout - 1/2 theelepel versgemalen peper - 30 g boter - ca. 300 g doperwten, vers of diepvries - 60 g gekookte ham (2 plakken) - tomatensaus (uit fles) - fijngehakte peterselie
Klop de eieren in een kom met melk, sojasaus, wijn, zout en peper luchtig los en verdeel dit mengsel in 2 porties. Smelt per portie de helft van de boter in een wok of ruime koekenpan en bak op matig vuur onder af en toe omscheppen het mengsel goudgeel en gaar. Herhaal nogmaals voor de tweede portie. Maak aldus geen echte omelet maar een soort roerei, omdat een roerei gemakkelijker te verdelen is. Verwarm de doperwten apart; giet ze af en houd ze warm.
Snijd de ham in dunne lange reepjes.
Verdeel roerei en erwten over 4 borden en wel zo, dat roerei en erwten naast elkaar komen te liggen. Maak voor een mooie tekening op het bord een scheiding tussen beide volgens het yin yang-symbool. Bestrooi roerei met de reepjes ham en de fijngehakte peterselie.
Accentueer de scheiding van de erwten en de eimassa met een 'streep' tomatensaus en tip ook op de beide helften nog wat tomatensaus.
rundvlees met paprika en strochampignons
500 g mager rundvlees - 1 eetlepel (rijste)bloem - 1 grote groene paprika - 1 grote rode paprika - 2 uien - 3 teentjes knoflook - stukje gemberwortel - 5 eetlepels zonnebloem- of maïsolie - 1 1/2 eetlepel donkere sojasaus - 1 eetlepel lichte sojasaus - 3 eetlepel rijstwijn of rode wijnazijn - 2 eetlepels hoisinsaus - 1 dl vlees- of kippenbouillon (van tablet mag) - 2 eetlepels tomatenpuree - 2 theelepels suiker - snuf vijfkruidenpoeder - ca. 200 g strochampignons (uit blik) - zout, versgemalen peper - 2 eetlepels fijngehakte peterselie
Snijd het rundvlees dwars op de vezel in dunne plakken van maximaal 1/2 cm dik en vervolgens in dunne reepjes. Bestrooi deze met gezeefde bloem.
Snijd de gewassen paprika's door. Verwijder zaad en zaadlijsten en snijd het vruchtvlees in vierkantjes van ca. 1 cm. Pel de uien en teentjes knoflook en hak beide zeer fijn. Schil een stuk gemberwortel en rasp hiervan ca. 2 theelepels.
Verhit eerst een schone wok op hoog vuur en laat de olie daarna langs de rand omlaag vloeien. Roerbak de paprika gedurende 2 minuten in de hete olie en schep deze met een schuimspaan uit de wok. Houd de paprika warm op een schotel.
Roerbak in dezelfde olie de ui, knoflook en gember goudgeel en voeg het rundvlees toe. Roerbak dit 2 minuten.
Voeg nu achtereenvolgens de beide sojasausen, rijstwijn, hoisinsaus en de bouillon toe en roer er de tomatenpuree door. Voeg suiker en vijfkruidenpoeder toe, roer even en doe de strochampignons met 1 dl van het vocht uit het blik erbij. Voeg de paprika weer toe. Schep eenmaal om. Breng het geheel op smaak met peper en zout en laat alles langzaam door en door worden op matig vuur.
Doe het gerecht over in een warme schaal en bestrooi met de fijngehakte peterselie.
garnalen en erwtjes uit Peking
400 g gepelde garnalen - 1 eiwit - 2 eetlepels lichte sojasaus - 1/2 theelepel witte peper - 1 theelepel maïzena - 4 sliertsjalotten of voorjaarsuien - stukje gemberwortel - 3 eetlepels zonnebloem- of maïsolie - 3 eetlepels vis- of kippenbouillon (van tablet mag) - ca. 300 g fijne doperwtjes (diepvries) - ca. 300 g jonge bamboeloten (uit blik) - 1 rode Spaanse peper
Kijk de garnalen op resterende sprieten en harde stukjes na. Spoel ze in een zeef af.
Roer het eiwit los en schep de garnalen erdoor. Voeg 1 eetlepel sojasaus en de peper toe en roer de garnalen in dezelfde richting erdoor. Zeef de maïzena erover en roer weer even. Laat 15 minuten staan.
Maak de sliertsjalotten schoon en snipper het groen en wit apart. Schil de gemberwortel en hak of rasp de gewenste hoeveelheid (ca. 1-2 theelepels).
Verhit een wok eerst 10 seconden op hoog vuur. Laat de olie langs de randen uitvloeien en roerbak het wit van de sjalot en gember 1/2 minuut. Doe de garnalen erbij, roerbak ze 1 minuut. Voeg 1 eetlepel sojasaus en de bouillon toe, roer even door.
Voeg de erwtjes en bamboeloten toe. Laat het geheel 5 minuten afgedekt zacht stoven.
Garneer met de fijngesneden Spaanse peper en het groen van de sjalot.
paksoi met gehakt, lotuswortel en tahoe
750 g paksoi - 350 g kalfs- of rundergehakt - 1 eiwit - 1 eetlepel maïsolie - 1 theelepel zout - 1 theelepel versgemalen zwarte peper - 1 eetlepel Shaoxingwijn - 1 eetlepel palm- of rietsuiker - 25 g gepelde pistaches - 4 sliertsjalotten of voorjaarsuien - 2 teentjes knoflook - stukje gemberwortel - 100 g lotuswortel (uit blik) - 125 g tahoe - 50 g gele of groene paprika - 5 eetlepels maïsolie - 2 dl kippenbouillon (van tablet mag) - 3 theelepels aardappelmeel
Snijd de gewassen paksoistengels in schuine reepjes en het blad in grove stukken.
Doe het gehakt in een kom. Meng er een eiwit met olie, peper en zout door. Voeg wijn en suiker toe en draai van het vlees balletjes met een doorsnee van ca. 4 cm. Druk de pistaches erin.
Snijd de gepelde sliertsjalotten in schuine stukjes. Hak de teentjes knoflook fijn. Schil de gemberwortel en rasp ca. 1-2 theelepels.
Snijd de lotuswortel in dunne schijfjes en tahoe in blokjes van ca. 1 cm. Was de paprika, verwijder zaad en zaadlijsten en snijd hem in dunne reepjes.
Verhit een wok eerst 10 seconden op hoog vuur. Giet de olie langs de rand erin en verhit tot een lichte rook opstijgt.
Roerbak sjalot, knoflook en gember 1/2 minuut. Voeg de balletjes toe en roerbak ze voorzichtig 1 minuut. Schep alles over op een bord.
Doe nu lotuswortel, tahoe, paksoi en paprika in de pan en roerbak het geheel 1 1/2 minuut. Schenk de bouillon erbij. Doe de balletjes met sjalot, knoflook en gember in de wok terug en stoof, afgedekt, nog 3 minuten.
Schep alles over in een warme schaal.
Maak het aardappelmeel met wat water aan en roer dit door het resterende stoofnat tot een lichtgebonden saus ontstaat.
wintermeloen met exotische vruchten
60 g snelkookrijst - 1 middelgrote ronde of ovale wintermeloen - 3 kiwi's - 1 blimbing (stervrucht) - 4 vijgen - 1 limoen - 2 nectarines - 2 kaki's - 4 passievruchten - 1 middelgrote stevige appel - 1 eetlepel citroensap
saus: 1/2 dl ahornsiroop - 1/2 dl gembersiroop - 2 dl sinaasappelsap - 4-5 eetlepels citroensap - 2 eetlepels zure room
Kook de rijst volgens de aanwijzingen op het pak. Laat hem daarna afkoelen.
Was de wintermeloen en snijd hem doormidden. Verwijder zaad en vliezen en steek er met een meloenlepel enkele balletjes uit voor de garnering.
Schil de kiwi's en snijd het vruchtvlees in dunne schijfjes evenals de gewassen vijgen en blimbing.
Was de nectarines, kaki's en passievruchten en verdeel ze in kleine stukjes of dunne reepjes.
Schil de gewassen appel, verwijder het klokhuis en snijd het vruchtvlees in dunne schijfjes. Wentel ze door het citroensap om verkleuring tegen te gaan.
Doe alle gesneden vruchten en de rijst in een grote kom en schep ze voorzichtig om.
De saus: vermeng in een kom ahornsiroop, gembersiroop, sinaasappelsap, citroensap en room door elkaar en proef of de saus naar wens zuur of zoet genoeg is. Voeg naar smaak meer siroop of citroensap toe.
Schenk een gedeelte van de saus over de vruchten. Dek de kom af en plaats die minstens 1 uur boven in de koelkast. Plaats de helften meloen, omgekeerd op een bord, ook in de koelkast evenals de rest van de saus.
Vul de helften vlak voor het serveren met het koude vruchtenmengsel en schenk hierover de rest van de saus.
Garneer met schijfjes limoen en enkele balletjes wintermeloen.
Tip: Alle soorten vruchten zijn voor dit gerecht te gebruiken: van aardbei, framboos tot meer exotische heerlijkheden. Neem vooral gave, stevige, maar wel rijpe vruchten omdat deze lekkerder van geur en smaak zijn.
tip toe: U kunt met stijfgeslagen slagroom garneren of er een kannetje halfgeslagen, dus nog vloeibare room bij geven.
50 g snelkookrijst - 5 blaadjes witte gelatine - 2 1/2 dl melk - 1 1/2 eetlepel suiker - 1 eetlepel amandelessence - ca. 300 g lychees (uit blik) siroop: 2 dl sinaasappelsap - ca. 1 dl honing - 1 dl rijstwijn of droge sherry - sap van 1 citroen
Kook de rijst volgens de aanwijzingen op het pak.
Week de blaadjes gelatine in ruim koud water. Knijp de blaadjes, als ze zacht zijn, goed uit en doe ze in een pan met ca. 2 1/2 dl heet water. Los ze al roerend daarin op.
Voeg de melk, suiker en amandelessence toe en meng de rijst erdoor. Giet dit mengsel in een van tevoren met koud water omgespoelde schaal en laat alles bij kamertemperatuur afkoelen.
Plaats de schaal vervolgens minstens 2 uur in de koelkast om de pudding te laten opstijven.
Doe voor de siroop alle ingrediënten in een steelpan met dikke bodem en verwarm de inhoud al roerend tot de honing is opgenomen.
Laat de siroop afkoelen en bewaar deze, afgedekt met folie, in de koelkast.
Snijd de amandelpudding in ruitjes of blokjes, leg deze in een mooie transparante schaal en schenk de helft van de siroop erover. Geef de rest van de siroop er apart bij.
Garneer met lychees.
Terug naar Koken met Floor |