 |
|
|
|
|
naar
boven |
|
|
| naar
boven |
 |
|
 
|
|
|
| naar
boven |
|
BOUWBESCHRIJVING
Deze vlieger
is naar een ontwerp van vliegeraar Cees Bosman en bedoeld voor weinig
wind ( 1 tot 3½ Bft.). Op het vliegerweekend te Oostwoud zag ik
dit model en het was liefde op het eerste gezicht. Het model mocht ik
opgemeten en later kreeg ik ook nog een kartonnen mal van een der
vleugels. Op het vliegerfeest te Opmeer kreeg de vlieger zijn
luchtdoop. Die dag was er in mijn ogen geen andere vlieger die beter
vloog dan deze vogel. Met weinig wind reeds in de lucht te houden. Later
op die dag heb ik de ontwerper ontmoet en die gaf me toestemming zijn
model uit te werken en te publiceren.
Sindsdien is er ook een exemplaar
voor het nachtvliegeren gemaakt. De contouren van de vogel lichten op
door het reflectieband wat op de randafwerking is genaaid. In één
woord prachtig.
N.B. Deze beschrijving is misschien op bepaalde punten erg
uitgebreid. Dit maakt het voor de beginnende vliegerbouwers misschien
wat eenvoudiger het model na te bouwen. Ervaren vliegerbouwers hebben
vaak aan een tekening al voldoende.
|
MATERIAAL
±
1,5 m1 32 grams spinnakerdoek
2 stuks RCF Ø 6 mm voor de spanner 1,25 m lang
1 stuks RCF Ø 6 mm voor de staander 1 m lang
1 stuks glasfiber 4 mm voor oplengen staander
1 stuks glasfiber Ø 3 mm voor zeillatjes, 1.5 m lang
1 stuks glasfiber Ø 2 mm voor staartspreider, 0,5 m lang
1 kruisstuk met V-stelling voor Ø 6 mm
1 nylon eind dop Ø 6 mm
8 nylon eind dop Ø 3 mm
2 nylon eind dop Ø 2 mm
spinnakerzoomband
1 stuk dacron voor versterkingen
toomdraad 1 mm
aluminium toomring
naar
boven |
| |
ZEIL
Voor
het kunnen maken van deze vlieger is een kartonnen mal onontbeerlijk.
Zet de coördinaten volgens de tekening uit op het karton en snij
langs een liniaal de vleugel uit. Hou bij de middennaad rekening voor
een zoom (7 mm extra) We hebben gebruik gemaakt van spinnakerzoomband
voor de randafwerking. (Wil je een rolzoom maken
hou dan rekening met een zoomtoeslag en verstevig de rand met
een mee genaaid koord). Snij met behulp van de mal de beide
vleugelhelften uit. Zodoende verkrijgen we twee identieke delen. Snij
eveneens de kiel uit.
naar
boven
Zoom
de randen van de kiel af
aan die kanten waar ze buiten de vlieger steken. Dit doen we tevens
aan beide vleugelhelften. Een lastig karweitje op die plaatsen waar
een knik in het doek zit bij een zogenaamde inwendige hoek. Toch is
dit te doen door zover mogelijk tot in zo’n hoek door te naaien en
dan de zoomband met over-lengte af te knippen. Door het zoomband aan
de stofvouw door te knippen tot precies in de hoek, kun je het band
aan onder- en bovenzijde voorbij de hoek vastnaaien. Overschot knip je
daarna gewoon weg. Het starten in zo’n inwendige hoek gaat weer zo.
Eerst een knipje geven in de stofvouw van het band om het zodoende
over de hoek heen te schuiven en dan weer verder naaien. Later deze
flapjes vastnaaien en overschoten wegknippen. Is alles afgezoomd dan
kan de vlieger worden samengevoegd. De kiel aftekenen op de plaats
waar deze tussen de beide vleugeldelen moet komen (op 12 cm vanaf de
top gemeten ter plaatse van de stiknaad). Nu de vleugels op elkaar
leggen en rondom fixeren met spelden zodat de vleugels ten opzichte
van elkaar niet kunnen verschuiven. Aan de zijde van de middennaad de
kiel er tussen schuiven en ook met spelden fixeren. Nu kan de
middennaad worden genaaid. Daarna stikken we de zoom plat tegen een
vleugeldeel. Vervolgens gaan we de top versterken met dacron en maken
we met een tweede laag dacron een tasje waar de staander later
ingeschoven wordt. Aan de onderzijde eveneens een versterking waar we
een opspanlijntje op vast naaien. Hier spannen we de staander mee
strak. Aan de buitenste vleugelpunten komen ook van deze versterkingen
met opspanlijntjes. Maak die lijntjes niet te kort (zo’n 20 cm
minstens). Op die plaatsen waar de tekening het aangeeft de nodige
versterkingen of tasjes vervaardigd van dubbelgevouwen dacron
vastnaaien. In deze versterkingen op de nodige plaatsen een
spanlijntje opnemen (vastnaaien tussen de lagen) of een lusje waar dit
spanlijntje doorheen wordt geknoopt (verstelmogelijkheid van het
spanlijntje). Nu komt het maken van de tunnels voor de staander en de
liggers. De staandertunnel is onderbroken ter plaatse van het
kruisstuk. De tunnel voor de liggers niet voorbij de fiber zeillatjes
in de vleugelpunten laten lopen. Deze zeillatjes moeten tussen de
ligger en het doek komen. De tunnels worden gemaakt van
spinnakerzoomband. Door op 7 mm van de rand te stikken krijgt de
tunnel de precieze breedte. Bepaal met een lange lat de positie van de
liggers door de vlieger geheel uit te vouwen op de vloer en van punt
naar punt een lijn te trekken met een potlood langs die lat. Dit is de
hartlijn waar de tunnel overheen komt. Door middel van meten en vast
spelden fixeren we de tunnels waarna we ze vaststikken. Nu rest ons
alleen nog een tweetal kleine lusjes waar de staart spreider
(glasfiber 2 mm) doorheen moet kunnen. We naaien dat vlak naast de
tunnel op de lijn tussen de staartpunten (zie tekening). Hiermee
fixeren we het frame tegen wegglijden. Nog een klein lusje aan de
kielpunt naaien voor de toom bevestiging en de naaimachine kan aan de
kant. naar
boven
|
|
FRAME
De
staander wordt op lengte gemaakt door aan de onderzijde een afvalstukje
erin te bevestigen. Door een stukje glasfiber (4mm) van 10 cm lang
gedeeltelijk ( 5 cm ) in de
staander te lijmen en over dit uitstekende stuk weer een 6mm koolstof
buisje te schuiven van 6 cm lang is de staander met 6 cm langer gemaakt.
(Dit stukje koolstof buis is over van de liggers.) Plaats de staander in
de tunnel met het kruisstuk en de nylon einddop erop geschoven. Aan de
onderzijde komt een splitdop. We kunnen de staander nu opspannen.
Vervolgens maken we de liggers op de juiste lengte. Laat ze iets
uitsteken zodat naspannen mogelijk blijft. De splitdoppen erop en de
opspanlijntjes aantrekken. Vervolgens maken we de staartspreider uit
fiberglas 2 mm. Het fiber moet door de twee lusjes naast de staander
worden gevoerd. De lengte zo bepalen dat het fibertje met spanning in de
tasjes past. Plaats op beide uiteinden een nylon einddop. Dan zijn de
vleugelpunten aan de beurt. De zeillatten moeten hier tussen het doek en
de ligger komen. Zorgvuldig de lengte bepalen, afzagen en de nylon
einddoppen plaatsen. naar
boven |
| |
|
OPSPANNEN
Om de vlieger goed in vorm te krijgen moeten de opspanlijntjes vanaf de
kop naar de bovenste vleugelhoek worden opgespannen. Zo ook de lijntjes
vanaf de staartpunten naar de onderzijde van de vleugels. Dit vergt
wellicht wat geduld maar dat zal later worden beloond door een goed
vlieggedrag. TIP: maak de spanning zo groot dat er net geen rimpels
meer in de velden zitten. Vergeet niet dat het staartstuk rond
gespannen dient te worden. Dit vergroot de stabiliteit enorm. De
spanning op dit staartstuk moet bij het opbergen van de vlieger worden
opgeheven. Gebruik hier b.v. een zelf gemaakt verkleind
scheerlijnspannertje in de spanlijn.
Staat alles strak dan
bevestigen we nog de toomlijn (±
1,5 m, met daarin opgenomen de toomring) aan de lus op de kiel en
door en paar gaatjes (gesmolten vlak naast de staander - door de dacron
versterking ) aan de top van de vlieger. naar
boven
|
|
OPLATEN
Ga naar je vliegerstek en probeer dit model uit bij windkracht 2 Bft.
Bevestig de vliegerlijn aan de toomring en geef lijn tot ±10 meter.
Corrigeer eventueel de stand van de toomring en geef daarna meer lijn.
Je zult ervaren dat het weer naar beneden halen van dit model moeilijker
gaat dan bij andere vliegers. Het model houdt niet van grondturbulentie.
Hoger in de lucht is het een pracht vlieger met goede prestaties, want
als de wind wegzakt zal dit modelletje rustig aan zijn lijntje
achterwaarts zakken. Dat in tegenstelling tot b.v veel delta’s die dan
vanzelf gaan zweven. Succes met het maken en veel plezier met je nieuwe
aanwinst!
Jan van Leeuwen
naar
boven |