De juridische basis
vergoeding reprorecht
De factuur of berekening van de Stichting Reprorecht is
gebaseerd op de Auteurswet. Uitgangspunt van de Auteurswet is
dat het kopiëren van auteursrechtelijk beschermde werken zonder
toestemming van de auteursrechthebbende niet is toegestaan. In
1972 is op deze hoofdregel een uitzondering geformuleerd,
namelijk dat het binnen bedrijven en instellingen is toegestaan
om zonder toestemming te kopiëren, doch dat dat daarvoor een
vergoeding verschuldigd is. Dit is jarenlang een dode letter
geweest. Daarin is nu verandering gekomen door de wijziging van
de Auteurswet (wet van 28 maart 2002, in werking getreden op 1
februari 2003) waarin een nadere regeling wordt getroffen voor
de incasso van deze vergoedingen (artikel 16h tot en met 16m
Auteurswet).
De Stichting Reprorecht is belast met de incasso van de
vergoeding. De hoogte van de vergoeding wordt bepaald aan de
hand van het aantal kopieën dat jaarlijks wordt gemaakt en het
percentage dat daarvan auteursrechtelijk bescherm en derhalve
reprorechtplichtig is.
Slechts kopieën van artikelen in een dag-, nieuws- of weekblad
of tijdschrift of een klein gedeelte van een boek zijn
reprorechtplichtig. Niet reprorechtplichtig zijn bijvoorbeeld
kopieën van interne nota’s, brieven, rapporten of verslagen
en kopieën voor privé-gebruik.
Vaststelling Vergoeding
Op grond van de gewijzigde Auteurswet dienen gebruikers zelf
opgave te doen van het kopieervolume. De Stichting Reprorecht
heeft zelf al een schatting gemaakt van het totaal aantal kopieën
en het percentage dat reprorechtplichtig is, volgens de
Stichting Reprorecht ‘om de administratieve last tot een
minimum te beperken’. De Stichting Reprorecht verzoekt om de
juistheid te verifiëren en zonodig opgave te doen van het
werkelijke kopieervolume. Daarna wordt een factuur toegezonden.
De opgaveverplichting geldt niet indien per jaar minder dan
50.000 kopieën worden gemaakt. In dat geval maakt de Stichting
Reprorecht een schatting van het kopieervolume en het
reprorechtplichtige percentage en verzendt direct een factuur.
De schatting is gebaseerd op de veronderstelling dat elk bedrijf
in een bepaalde branche en met een bepaald aantal werknemers
hetzelfde aantal kopieën maakt. Op basis van deze
veronderstelling ontvangen bedrijven een branchespecifieke
berekening of factuur gebaseerd op de gegevens zoals
geregistreerd bij de Kamer van Koophandel en Fabrieken. De
verschuldigde vergoeding per reprorechtplichtige kopie bedraagt
€ 0,045. Er kunnen vraagtekens worden geplaatst bij de
handelwijze van de Stichting Reprorecht. De systematiek die de
Stichting Reprorecht hanteert lijkt willekeurig en is in ieder
geval niet afgestemd op de individuele situatie van een
onderneming. Ook ondernemingen die bijvoorbeeld geen
kopieerapparaat hebben, ontvangen een factuur of berekening. De
Stichting baseert haar schattingen op een onderzoek van
Veldkamp/NIPO naar het kopieergedrag bij ondernemingen. Voor dit
onderzoek zijn slechts tien branches en 3000 respondenten
benaderd, waardoor het niet goed mogelijk is om een objectief
beeld te verkrijgen. Onduidelijk is of het onderzoek
representatief is en op welke wijze het is uitgevoerd. Daarvoor
zal het onderzoeksrapport en de onderliggende stukken nader
bestudeerd moeten worden.
Ook MKB-Nederland is van mening dat de Stichting Reprorecht
beter, nauwkeuriger en individueler had moeten bepalen welk
volume en reprorechtplichtig percentage van toepassing is op de
desbetreffende bedrijven.
De Stichting Reprorecht verdeelt de vergoeding onder de makers
van de werken (de uitgevers). Er kan ook voor worden gekozen om
rechtstreeks aan de maker te voldoen.
Overeenkomst
De Stichting Reprorecht presenteert de berekening of factuur als
een dwingende aanslag of heffing. Dat is misleidend. De factuur
of berekening is slechts een aanbod om een overeenkomst aan te
gaan over de hoogte van de verschuldigde vergoeding. Op dit
aanbod heeft de Stichting Reprorecht haar algemene voorwaarden
van toepassing verklaard. Deze voorwaarden zijn te vinden op de
internetsite van de Stichting Reprorecht (www.reprorecht.nl).
Door binnen de gestelde termijn de factuur te betalen, de
berekening te accepteren of geen bezwaar te maken tegen de
berekening, wordt het aanbod met de algemene voorwaarden
aanvaard en komt met terugwerkende kracht tot 1 februari 2003
een overeenkomst voor onbepaalde tijd tot stand.
De algemene voorwaarden bepalen dat de overeenkomst slechts
schriftelijk kan worden opgezegd met inachtneming van de
opzegtermijn van tenminste 3 maanden tegen het einde van het
kalenderjaar. Voorts wordt de mogelijkheid van verrekening of
opschorting van betaling uitgesloten en wordt aan de
betalingsplichtige de verplichting opgelegd tot het verlenen van
medewerking aan het vaststellen van de hoogte van de vergoeding
door de Stichting Reprorecht. Zodra de hoogte van de vergoeding
is vastgesteld, geldt die voor het gehele kalenderjaar ongeacht
of gedurende het jaar de situatie van de betalingsplichtige
wijzigt. Voorts is de betalingsplichtige van rechtswege in
verzuim indien niet binnen de gestelde termijn van dertig dagen
wordt betaald. De Stichting Reprorecht kan alsdan
administratiekosten, wettelijke rente en buitengerechtelijke en
gerechtelijk incassokosten van minimaal 15% in rekening brengen.
Bezwaar
De betalingsplichtige kan schriftelijk bezwaar maken tegen de
factuur of berekening. De volgende gronden van bezwaar zijn
denkbaar:
• De berekening van de Stichting Reprorecht is incorrect
vanwege:
Onjuiste branche indeling
Onjuiste grootteklasse werknemers
Onjuist jaarlijks kopieervolume
Kopieervolume is nihil omdat er geen kopieerapparaat aanwezig is
• Met de rechthebbende is overeengekomen dat de vergoeding
rechtstreeks aan hem zal worden voldaan
• De makers of diens rechtsverkrijgende hebben afstand gedaan
van het recht op vergoeding
De bezwaartermijn is 30 dagen na ontvangst van de factuur.
Indien het bezwaar inhoudt dat de berekening van de Stichting
Reprorecht niet correct is en er een opgave is gedaan van de
juiste gegevens, zal de Stichting een nieuwe (bindende)
berekening opstellen.
Om te voorkomen dat de algemene voorwaarden van de Stichting
Reprorecht op de overeenkomst van toepassing zijn, dient tevens
bezwaar te worden gemaakt tegen toepassing van de algemene
voorwaarden. De Stichting Reprorecht zal zich dan niet op haar
algemene voorwaarden kunnen beroepen.
De consequentie van het niet betalen van de factuur of het niet
accepteren van de berekening, is dat het niet (meer) is
toegestaan om reprorechtplichtige kopieën te maken. Aan het
wettelijke vereiste dat er een vergoeding wordt betaald, wordt
dan immers niet voldaan. Indien er desondanks
reprorechtplichtige kopieën worden gemaakt, kan er sprake zijn
van een overtreding van de Auteurswet en een inbreuk op de
auteursrechten van de maker van het gekopieerde werk, met alle
gevolgen van dien.
Conclusie/Advies
De berekening van de Stichting Reprorecht is gebaseerd op de
Auteurswet. Tegen het feit dat er een vergoeding afgedragen
dient te worden indien reprorechtplichtige kopieën worden
gemaakt, kan weinig worden ondernomen. Dat is met zoveel woorden
opgenomen in de Auteurswet. Tegen de wijze van uitvoering van
deze regeling door de Stichting Reprorecht kan wel actie worden
ondernomen.
Indien de factuur of berekening onjuist is, dient binnen 30
dagen na ontvangst bezwaar worden gemaakt tegen de hoogte van de
factuur of berekening, de willekeurige wijze waarop die is
vastgesteld, de indeling in een branche of werknemersklasse,
alsmede tegen de toepassing van de algemene voorwaarden. Indien
een factuur is ontvangen, dient betaling te worden opgeschort.
Vanwege de ingewikkelde constructie die door de Stichting
Reprorecht is gekozen en het risico dat er alsnog een
overeenkomst tot stand komt, is van groot belang dit bezwaar
zorgvuldig op te stellen en te formuleren.
Indien het door de Stichting Reprorecht opgegeven kopieervolume
en het reprorechtplichtig percentage daarvan, alsmede de branche
en werknemersklasse juist is, zal het veelal weinig zinvol zijn
om tegen de berekening of factuur bezwaar te maken. De factuur
dient dan voldaan te worden. Wel adviseer ik in ieder geval
binnen 30 dagen na ontvangst in de begeleidende brief bezwaar te
maken tegen de toepassing van de algemene voorwaarden.
Voor meer informatie:
Mr Robin Horstman
Reageer via Email |