Words,words,words

Rosengarten
Berlijn

Ik heb iets bijna schoons aanschouwd
Hier waar de jacht der oppervlakkigheid
Al schoone dingen veil voor goud
Bezitten wil, en dus ontwijdt–
Ik heb iets bijna schoons aanschouwd:
In het verkeerdoorgonsde park
Terzij van zijn asfalten wegen,
Als in een straat een ingebouwde kerk,
Vond ik een rozentuin gelegen:
Daar in doorzonde bloemenwolk
Zweeg van het onbeschaafbaar volk
Het ijl gezwets, het loos gegil
Een spanne stil . . .
Hier heerschen roos en rozeknop!
Zoo dacht ik – middenin
Stond van onnoozle keizerin
De onnoozler pop.

Pieter Cornelis Boutens (1870-1943)

A.L. Sötemann, Domburgsch Uitzicht van P.C. Boutens; Stichting Kunstuitleen Zeeland, Middelburg; ISBN 9063540655
Marco Goud, Ziende verbeelding. Over zien en (on)zichtbaarheid in poëzie en poëtica van P.C. Boutens; Peeters, Leuven; ISBN 9042912634

Top