Geert van Oorschot, organisator.                                             PZC 1-11-1997

De onlangs overleden Geert van Oorschot uit Vlissingen heeft in de afgelopen vijfentwintig jaar veel voor het Zeeuwse schaak betekend. Hij was een energieke organisator en wedstrijdleider, waar de Zeeuwse schakers veel dank aan verschuldigd zijn. Zijn grootste succes was de reorganisatie van de wedstrijd om het kampioenschap van Zeeland in 1975.

Voor die tijd was de organisatie van de belangrijkste wedstrijd die de Zeeuwse schaakbond kent een puinhoop. De wedstrijdleiding had geen enkel gezag. De spelers deden gewoon waar ze zin in hadden. Officieel waren de speeldagen precies vastgesteld, maar daar kwam nooit iets van terecht. Ik heb het zelfs eens meegemaakt, dat in Goes een speelzaal was afgehuurd, waar op de speeldag slechts een partij werd gespeeld. Twee spelers in een verloren hoekje van de zaal, met de wedstrijdleider ernaast! De andere partijen waren al vooruit gespeeld, of zouden nog worden gespeeld!

Op initiatief van enkele spelers, die het niet langer konden aanzien, werd Van Oorschot benaderd om de zaak eens goed te regelen. En zoiets kon je aan Geert overlaten. Van Oorschot ontwierp in overleg met de spelers een reglement, dat klonk als een klok. De belangrijkste regel was, dat er onder geen enkele voorwaarde vooruit of achteraf gespeeld mocht worden. Als je niet aanwezig was, dan kreeg je een nul. Later is die voorwaarde verzacht, maar het had toen een grote genezende werking. Een andere belangrijke maatregel was, dat het kampioenschap in verschillende plaatsen in Zeeland werd gespeeld, waarbij de organisatie in handen van de clubs werd gelegd. Het werd een eer om een ronde te morgen organiseren.

Onder Van Oorschot werd zo het Zeeuws kampioenschap een groot succes en een geweldige propaganda voor het schaakspel in onze provincie. Kort gezegd, het werd professioneel opgezet en geleid. Van Oorschot zorgde er ook voor, dat de partijen van het kampioenschap beschikbaar kwamen, zodat ook anderen van de verrichtingen van de Zeeuwse schakers konden genieten. Als bestuurslid van de Zeeuwse schaakbond waakte hij ervoor, dat 'zijn' toernooi de status kreeg en behield, die het verdient. De Zeeuwse Schaakbond kan naar mijn mening Geert van Oorschot niet beter eren, dan door er nauwlettend op toe te zien, dat het kampioenschap om de persoonlijke titel niet verwatert, dat het blijft wat het is: de belangrijkste wedstrijd van het seizoen.

Van Oorschot was geen gemakkelijke wedstrijdleider: hij was principieel en onverzettelijk als hij wist, dat hij gelijk had. Dat hebben ook de topschakers ervaren, die hebben meegedaan aan het helaas verdwenen Pechiney-snelschaaktoernooi, dat op onovertrefbare wijze door Van Oorschot werd geleid.

Natuurlijk heeft ook de Schaakclub Vlissingen veel aan Geert van Oorschot te danken. Dat de club als enige in Zeeland over een eigen clubgebouw beschikt, is in niet geringe mate zijn werk. Ook in Koudekerke, waar hij elk jaar de motor en leider was van het traditionele kersttoernooi, zal hij zeer gemist worden.

Van Oorschot hield van het organiseren. Hij genoot ervan als alles op rolletjes liep. Zulke mensen zijn zeldzaam in de schaakwereld. Schakers zijn immers bijna per definitie grote individualisten, die slechts in het spel geïnteresseerd zijn en organisatorische beslommeringen verre van zich werpen. Helaas liet Van Oorschots gezondheid de laatste jaren niet toe al te veel hooi op de vork te nemen en moest hij de organisatie van het Zeeuws kampioenschap aan anderen overlaten. Ook als actief schaker kwam hij nauwelijks nog in actie.

 

In deze rubriek enkele partijen van hem, die hij speelde in de onderlinge competitie van de Vlissingse Schaakvereniging of in een van de lagere teams van declub.

 

De Nieuwe - Van Oorschot. Vlissingen, 1988

1.e4 d6 2.Pf3 g6 3.Lc4 Lg4 4.a3 Pf6 5.d3 Lg7 6.Le3 0–0 7.0–0 Pc6 8.Pbd2 a6 9.c3 b5 10.La2 Pe5 11.d4 Pxf3+ 12.Pxf3 Pxe4 13.Dd3 Lxf3 14.Ld5

 

 

 

14…  Pxf2! Een bijzonder aardige afwikkelingscombinatie. Zwart komt twee gezonde pionnen voor. 15.Dd2 Lxd5 16.Dxf2 Lc4 17.Tfe1 e6 18.Tad1 Df6 19.Ld2 Dxf2+ 20.Kxf2 0–1 

 

Van Leeuwen - Van Oorschot. Vlissingen, 1988

 1.e4 d6 2.Pf3 e5 3.Lc4 Lg4 4.0–0 Pf6 5.d3 Le7 6.Pbd2 Pc6 7.a3 0–0 8.c3 a6 9.La2 Ph5 10.Pc4 b5 11.Pe3 Lxf3 12.Dxf3 Pf4 13.Dd1 a5 14.Pg4 Dd7 15.f3 Pd8 16.d4 Dc8 17.dxe5 dxe5 18.Pxe5 Ph5 19.Le3 Ld6 20.Ld4 c5 21.f4 cxd4 22.Dxh5 g6 23.Dh6 dxc3 24.Tac1 Lxe5 25.fxe5 Dc5+ 26.Kh1 Dxe5 27.bxc3 Dxe4 28.Lb1 De7 29.Ld3 b4 30.cxb4 axb4 31.axb4 Dxb4 32.h3 Dd4 33.Tfd1 Dg7 34.Dxg7+ Kxg7 35.Le4 Tb8 36.Tc7 Pe6 37.Ta7 Tbd8 38.Txd8 Pxd8 39.Ld5 Kh6 40.Ta8 Kg7 41.Kh2 f5 42.g3 Pf7 43.Ta7 Kf6 44.Ta6+ Kg7 ½–½

 

Van Oorschot - Fenning. Vlissingen, 1988

1.d4 d5 2.c4 dxc4 3.Pf3 Pf6 4.Pc3 e6 5.e3 Lb4 6.Ld2 Lxc3 7.Lxc3 b5 8.a4 c6 9.axb5 cxb5 10.b3 Pd5 11.Dc2 Pxc3 12.Dxc3 0–0 13.bxc4 bxc4 14.Lxc4 Lb7 15.Le2 Pd7 16.0–0 Ld5 17.Da5 Dxa5 18.Txa5 Tfc8 19.Pe1 Pf6 20.Lf3 Tc7 21.Lxd5 Pxd5 22.Pd3 Pc3 23.Kh1 Tac8 24.Pc5 Pd5 25.Tfa1 Ta8 ½–½ 

 

Van Oorschot was geen groot schaker. Toch had hij een goede kijk op het spel. Zijn oordeel over stellingen was vaak heel raak. Zijn wedstrijdverslagen in de PZC getuigden daarvan.