Back                        Gert Timmerman wereldkampioen                        PZC 23-6-2000
 

Sommigen hadden het correspondentieschaak met de komst van de computer al afgeschreven, maar dat was waarschijnlijk toch een beetje voorbarig. Nu zo langzamerhand iedereen over een computer kan beschikken, zijn de kansen voor iedere deelnemer aan een correspondentieschaaktoernooi weer gelijk. Eigenlijk is het een langzame vorm van het door Kasparov gepropageerde Advanced Chess, waarbij onbeperkt gebruik van de computer tijdens de partij wordt toegestaan. Naast de e-mail toernooien, die als paddestoelen uit de grond schieten, zijn er ook nog de traditionele toernooien, waarin de zetten per post worden verstuurd. Voor het eerst in de geschiedenis lijkt de kans aanwezig, dat een Nederlander de wereldtitel in de wacht sleept.

In het 15e toernooi om het wereldkampioenschap gaat het in de eindfase tussen de Deen Poulsen, de Nederlanders Van Oosterom en Timmerman en de Zwitser Gottardi.

De zeer spannende stand op het ogenblik is 1.Poulsen 10 punten. 2 tm 4. Timmerman, Van Oosterom en Gottardi 9 ½ punt. Poulsen, Van Oosterom en Gottardi hebben nog twee partijen lopen, Timmerman nog drie. De partij Timmerman- Poulsen is ook nog aan de gang en zal over het kampioenschap beslissen. Volgens de laatste berichten zijn de vooruitzicht voor Timmerman goed. ** De partij, die de beide Nederlanders tegen elkaar speelden, was zeer de moeite waard.

 

J.J. van Oosterom – G. Timmerman

1.d4 Pf6 2.c4 g6 3.Pc3 Lg7 4.e4 d6 5.Pf3 0–0 6.Le2 e5 7.0–0 Pc6 8.d5 Pe7 9.Pe1 Pd7 10.Le3 f5 11.f3 f4 12.Lf2 g5 13.a4 a5 14.Pd3 b6 15.b4  De hele variant is al ontelbare malen voorgekomen. Een andere mogelijkheid is 15.Le1 c5 16.dxc6 Pb8 17.c7 Dxc7 18.Db3 Kh8 met iets beter spel voor wit.  15...axb4 16.Pxb4  Bekend is ook 16.Pb5 h5 17.Le1 g4 18.Lxb4 en wit staat goed. De zwarte stukken staan te ver van de witte koning om een bedreiging te kunnen vormen. Dat is eigenlijk het kritieke punt van de hele variant.  16...Pf6 17.Pc6  Een verzwakking van de pionnenstelling in ruil voor een prachtig veld voor het andere paard op d5. 17...Pxc6 18.dxc6 De8 19.Pd5 Tf7 20.a5! bxa5  Of  20...Dxc6 21.axb6 Txa1 22.Dxa1 cxb6 23.Tb1 en wit staat beter.  21.Da4 g4!  Zwart tegenkansen liggen natuurlijk aan deze kant. Hij moet koste wat kost de witte koningsstelling zien open te breken.  22.Db5 Pxd5?! Zeer verrassend. Zwart sluit zichzelf op achter een  betonnen muur van pionnen. Kan dat goed aflopen? 23.cxd5 g3!  De enige tegenkans.

 


Een thematische pionoffer in dit soort stellingen. Nu maakt het een deel uit van de technische bagage van bijna iedere speler, maar in 1953 was dat anders. Najdorf en Kotov wonnen er toen fraaie partijen mee en hun voorbeeld vond ontelbare navolgers. 24.hxg3?  Wit had hier 24.Le1 moeten doen, om na 24… gxh2+ met 25.Kh1! de koning in veilige haven te kunnen brengen, waarna zijn overwicht op de damevleugel hem goede kansen biedt. Misschien was hij bang voor 24…La6 25.Dxa5 Lb7, maar dat faalt op 26.cxb7! Txa5 27.Txa5 en wit wint. 24...fxg3 25.Lxg3 Lh6 26.Kf2  Een noodsprong, want 26.Lf2 Tg7 ziet er ook niet prettig uit.  26...De7 27.Th1 Dg5  Wit verkeert nu in ernstige problemen. De dreiging 28...Tg7 hangt als een zwaard van Damocles boven zijn hoofd. De volgende zet is daarom gedwongen.  28.Txh6 Dxh6 29.Txa5 Txa5 30.Dxa5 Kh8 31.Da3 Dg6 32.Da8 Tf8 33.Lh4 Dh6 34.g3  Wit lijkt een bomvrije vesting te hebben opgebouwd.  34...Lf5 35.Da4 Lg6 36.Dc2 Kg8  Nu begint een lastige technische fase. Zwart moet zijn zware stukken naar de andere kant brengen. In materieel opzicht staat wit niet eens zo slecht, het loperpaar en een pion voor de kwaliteit. De witte lopers bijten echter op graniet.  37.Ld3 Lh5 38.Le2 Lg6 39.Ld3 Tb8 40.Le2 Df8 41.Lg5 Tb4 42.Kg2 Db8 43.Lh6 Tb2 44.Dc4 Da7 45.Lc1 Ta2 46.Le3 Da5 47.Lh6 Kf7 48.g4?  Een zwakke zet, die het zwart een stuk gemakkelijker maakt, omdat hij nu een aanknopingspunt krijgt om de stelling verder open te breken en zijn loper te activeren. Waarschijnlijk was de stelling ook niet te redden geweest bij een betere zet, maar het zou zwart nog de nodige zweetdruppels en postzegels gekost hebben. 48...Ta1 49.Lf1 Da7 50.Dd3 Ta3 51.Dc4 Ta2+ 52.Le2 Da5 53.Lc1 Kg7 54.Kf2 Ta1 55.Lf1 Db6+ 56.Le3 Db1 57.Kg2  

 

 

 

57...h5  De laatste hulptroepen worden in de strijd geworpen.  58.gxh5 Lxh5 59.Lf2 Kf7!  Nog een fijne zet. De koning moet c7, de basis van zijn pionnenstelling, gaan verdedigen.  60.Dd3 Dxf1+  De afwikkeling  61.Dxf1 Txf1 62.Kxf1 Lxf3 63.Le1  Of 63.Lb6 cxb6 64.c7 Lg4 en wint. 63...Ke8 64.La5 Kd8  Wit gaf het op. Hij verliest alle drie zijn pionnen.  

 

** Hij werd inderdaad de eerste Nederlandse wereldkampioen correspondentieschaak.