|
Terug Ratingvirus PZC 4-9-1998
Bijna nog sneller dan de Russische roebel keldert de waarde van het schaakmeesterschap. Waren er nog niet zo heel lang geleden nog maar enkele tientallen internationale grootmeesters, nu zijn er een paar honderd. En de gewone internationale meesters zijn al helemaal niet meer te tellen. Mede schuldig aan deze betreurenswaardige gang van zaken is de invoering van de Elo-rating, waaraan de titelverlening gekoppeld is. De rating-inflatie is de motor van de titelinflatie! Een klein voorbeeld: Op 1 mei 1974 waren er 17 spelers op de wereld met een rating van 2600 of meer. Nu zijn dat er 82! Ons land telt op het ogenblik reeds 11 actieve grootmeesters, waarbij de buitenlandse spelers, zoals Sokolov en Nikolic, niet zijn meegeteld. Duitsland heeft er 31 en Engeland nog meer. Niet alleen aan de top is de situatie scheef getrokken, ook verder naar beneden doet men zijn uiterste best om zich belachelijk te maken. Her en der worden er toernooien georganiseerd om spelers in de gelegenheid te stellen aan de titelnormen te voldoen en het blijkbaar zeer gewenste meesterschap deelachtig te worden. Een toernooi waarvan de organisatie niet aan die rage mee wenst te mee te doen, telt niet meer mee. De belangrijkste oorzaak van de titelinflatie is, dat de FIDE het te gemakkelijk heeft gemaakt om de titels te bemachtigen. Het is hoog tijd om de normen te verscherpen! Het
Elo-systeem is een mooie uitvinding van de Amerikaanse
Professor Arpad Elo. Nu de computers algemeen ingang hebben
gevonden, is het gemakkelijk om de Elo-rating van elke
schaker te bepalen. Dat gebeurt ook. Het schaakblad
SCHAAKNIEUWS publiceert eenmaal per jaar de duizend beste
schakers van Nederland. Wie daar niet bij staat, en dat zijn
de overige 28000 bij de schaakbond aangesloten schakers,
schaamt zich dood! Je telt echt niet meer mee met een rating
van 1800 hoor! Men vraagt een schaker niet meer naar zijn
naam, maar naar zijn rating! Een zeer oude in Canada wonende
Nederlander, die nog elk jaar trouw het hoogovenstoernooi
bezoekt, weet al wat op zijn grafsteen moet staan: “Hier
rust de schaker Lenstra, Elo-rating 2000!” De zomertijd is het jachtseizoen voor op titels jagende jonge schakers. Voor wie van schaken houdt is het natuurlijk prachtig om in de vakantie van toernooi naar toernooi te kunnen reizen. De eerste partij in deze rubriek is er een uit een open toernooi in Koszalin in Polen, waar ook enkele Nederlanders (o.a. Van der Wiel) van de partij waren.
Krasenkov- Adianto.
27.
Pe6!! Aan het
toernooi in Koszalin deden niet minder dan 47 grootmeesters
mee. Onder hen o.a. Mowsesjan, Nisipeanu, Rogosenko, Haba,
Wolsjin, Waulin en Schulman. Kent u ze? Winnaar werd Chenkin.
Van der Wiel eindigde op een gedeelde 22e plaats.
Aan de andere kant van de oceaan waren op Hawaď en in
Ontario in sterke open toernooien vooral Amerikaanse
schakers actief. Twee verrassende partijen van overzee.
10. Pxf6+!! Een zeer verrassend en fraai stukoffer. 10…. Dxf6 11. Lg5 Df8 12. Pd5 De clou van de combinatie is de zwakte van veld c7. 12…. Pg4 Na 12…. Tb8 13.Pc7+ Kd7 14.Pe6 verliest zwart zijn dame (Dg8 Pc5+), of moet ander materiaal prijsgeven. 13. 0-0 Pf6 14. Pc7+ Ke7 15. f4!! Wit is niet meer tevreden met kwaliteitswinst, hoewel 15.Pxa8 ruimschoots voldoende was. B.v.: 15…. Lg4 16. Dxg4! enz. 15… h6 16. Lxf6+ Lxf6 17. fxe5 Pxe5 18. Pd5+ Kd7 19. Txf6 Dg7 20. Dd2 b6 21. Taf1 Tb8 22. Pe3 Th7 23. d4 Zwart geeft het op. Na 23… Pxc4 24.Pxc4 is het echt helemaal uit, omdat d6 onverdedigbaar is. Uit deze partij blijkt, dat verrassingen in de opening nog steeds mogelijk zijn.
Zelfs een slappe opzet als
het Russisch kan soms tot spectaculaire effecten leiden:
Ook in Hongarije waren de grootmeesters en meesters actief. Ditmaal niet in een open toernooi, met een ongelimiteerd aantal deelnemers, maar in een gesloten toernooi met 13 spelers. Winnaar werd de Israëlische grootmeester(!) Soffer. Treurig was de afgang van de oude grootmeester Barczay in de volgende ‘partij’:
Lukacs- Barczay. Boedapest, 1998.
|