Terug                          Bernstein vernedert Najdorf                                            PZC 6-10-1989

 

Schaken gebeurt tegenwoordig in allerlei categorieën en leeftijdsklassen, kleuterschaak, schoolschaak, jeugdschaak, meis­jesschaak, vrouwenschaak, veteranenschaak, bedrijfsschaak enz. Voor elke schaker is er wel een groep waarin hij haantje de voorste kan spelen. Het gebeurt trouwens ook in allerlei andere sporten en misschien is daar wel niets mis mee. Het is geen vorm van discriminatie maar, van clubvorming van gelijkgezinden. Als je de 50 gepasseerd bent bijvoorbeeld, mag je bij de veteranen schaken, maar je mag ook best nog een gooi doen naar het wereldkampioenschap. Iemand die tot het laatste in staat is (Kortsjnoi!) zie ik trouwens nog niet zo gauw aan een veteranentoernooitje deelnemen. Hij zou het als een bewijs van aftakeling beschouwen! En zou hij daar ongelijk in hebben?

Natuurlijk is het zo, dat bij het klimmen der jaren het verstand afneemt! In het bedrijfsleven is men zich dat terdege bewust. Voor bepaalde beroepen is men zelfs al te oud als men de dertig is gepasseerd. En dat heeft niets met lichamelijke fitheid te maken. Ik kan me bijvoorbeeld niet voorstellen, dat een computerprogrammeur er voor zijn vak veel voordeel van heeft als hij de 100 meter binnen 11 seconden kan afleggen. In de politiek is het niet erg als de geestelijke vermogens wat afnemen. Je kan op 75-jarige leeftijd nog best president van de Verenigde Staten of leider van China worden.

In de schaaksport is het geval Najdorf-Bernstein legendarisch. In 1954 werd in Montevideo een groot internationaal schaaktoernooi gehouden. Toen Najdorf ontdekte, dat ook de 75-jarige Ossip Bernstein aan het toernooi zou deelnemen, ontstak hij in grote woede. Deelname van de oude afgetakelde Bernstein zou het toernooi in ernstige mate degraderen. Najdorf kreeg van de toernooileiding nul op het rekest en twee ronden voor het einde zaten Bernstein en Najdorf tegenover elkaar.

Bernstein-Najdorf

1.d4 Pf6 2.c4 d6 3.Pc3 Pbd7 4.e4 e5 5.Pf3 g6 6.dxe5 dxe5 7.Le2 c6 8.0–0 Dc7 9.h3 Pc5 10.Dc2 Ph5 11.Te1 Pe6 12.Le3 Le7 13.Tad1 0–0 14.Lf1 Phg7 15.a3 f5 16.b4 f4 17.Lc1 Lf6 18.c5 g5 19.Lc4 Kh8 20.Lb2 h5  Zwart heeft zich zeer agressief op­gesteld om de oude baas zo snel mogelijk van het bord te zetten. 21 Pd5!!

 

 

 

De inleiding tot de ondergang van de wereldtopspeler. 21.... cxd5 22.exd5 Pd4 23.Pxd4 exd4 24.d6 Dd7 25.Txd4 Opnieuw doortastend en elegant gespeeld. Zwart kan de kwaliteit niet nemen. Na 25... Lxd4; 26 Lxd4 heeft zwart geen verdediging tegen de dreigingen 27 Dg6 en 27 Te7. Bijvoorbeeld 26 ... Te8 27 Dg6!! Txel+ 28 Kh2? (dreigt Dh6 mat) Te6 29 Lxe6 en wint. 25... f3 26.Tde4 Df5 27.g4 hxg4 28.hxg4 Dg6 29.Te8 Opnieuw onverwacht en briljant. Zwart mag nu noch 29... Dxe2 spelen wegens 30 Txf8+ Kh7 31.Lg8+ en 32 Txf6, noch 29... Txe8 wegens 30. Dxg6 Txel+ 31 Kh2 Lxb2 32 Dh6 mat. 29... Lf5 30.Txa8 Txa8 31.gxf5 Dh5 Zwart probeert nog een tegenactie maar wit kan het eenvoudig opvangen. 32.Te4 Dh3 33.Lf1 Dxf5 34.Th4+ De laatste tactische wending. 34... gxh4 35.Dxf5 Pxf5 36.Lxf6+ Kg8 37.d7 Zwart gaf het op. Dit is de beroemdste partij uit de schaakgeschiedenis, waarin een wereldtopspeler tegen een 'oude van dagen' in het zand moet bijten. Najdorf verloor ook nog van de toernooiwinnaar de Chileen Letelier en deelde in de eindrangschikking met een half puntje achterstand broederlijk de tweede plaats met ... Bernstein!

 

Dalen we een trapje op de schaakladder.

Een belangrijke rol in het schaak van voor de oorlog speelden de gebroeders Dirk en Arnold van Foreest. Arnold van Foreest werd 91 jaar, zijn broer 94. Ze bleken op hoge leeftijd nog uitstekend te kunnen schaken. Bouwmeester heeft daar in een van zijn prismaboekjes een aardig voorbeeld van. Arnold van Foreest, die toen tegen de 90 liep, bezocht na lange afwezigheid weer eens een clubavond van de schaakclub Utrecht. Hij werd ge­koppeld aan een van de topspelers van destijds. 'De hele schaakclub heeft ademloos toegekeken hoe de oude heer schaakles gaf' (Bouwmeester).

Van Foreest - Van Oosterwijk Bruijn

1.e4 e5 2.Pf3 Pc6 3.d4 exd4 4.Lc4 Pf6 5.0–0 Pxe4 6.Te1 d5 7.Lxd5 Dxd5 8.Pc3 Df5 Verkeerd. De dame had naar a5 gemoeten. 9.Pxe4 Le6 10.Lg5 h6 11.Lh4 g5 Zie Najdorf. Ook hier een onverantwoord optimisme ten overstaan van de ouderdom. 12.Pxd4 Dg6 13.Pxe6 fxe6 14.Lg3 De zwarte stelling is reeds een ruďne. 14...Th7 15.Dd3 Het aftrekschaak dat nu dreigt is niet met normale middelen te pareren. Zwart moet noodgedwongen de kwaliteit offren. 15...e5 16.Pd6+ Dxd6 17.Dxh7 0–0–0 18.Df5+ Kb8 19.Lxe5 Dd5 20.c4 Da5 21.g4 Lb4 22.Te2 Db6 23.a3 Tf8 Hierop was zwarts spel gebaseerd. Nauwelijks had hij de toren losgelaten of de oude heer schoot naar voren, hief zijn hand dreigend boven het hoofd en donderde met stentorstem: "Nu zal ik u eens laten zien, mijnheer, hoe wij vroeger combineerden". 24.Ld6!!

 

 

 

Zwart gaf het op. Na 24... Lxd6 krijgt zwart 25 Dxf8+ en 26 Te8 mat op zijn bord, bovendien dreigt Lxb4 met stukwinst.

We dalen nog een trapje.

Elk jaar wordt in Oosterbeek een veteranentoernooi gehouden, waarin ook om het veteranenkampioenschap van Nederland wordt gespeeld. Voor Zeeland nam dit jaar de heer Van Kesteren van 'Landau' uit Axel deel. Tegen de latere winnaar speelde hij de volgende partij:

Van de Ree-Van Kesteren

1.e4 c6 2.d4 d5 3.Pc3 dxe4 4.Pxe4 Pf6 5.Pxf6+ exf6 6.Pf3 Ld6 7.Ld3 0–0 8.0–0 Lg4 9.h3 Lh5 10.Le3 Pd7 11.Le2 f5 12.c4 Pf6 13.Lg5 h6 14.Lxf6 Dxf6 15.c5 Lc7 16.Dd3 Tad8 17.Tfd1 Td7 18.Tac1 Tfd8 19.Tc4 b5 20.cxb6 Lxb6 21.Dc2 c5 22.dxc5 Txd1+ 23.Lxd1 La5 24.c6 Te8 25.c7

Zwart was uitstekend uit de opening gekomen, maar 20... b5? was zwak en leidde tot groot nadeel. Ook Zeeland kent zijn veteranentoernooi, het 50+ toernooi van de Goese schaakclub, dat elk jaar in niet geringe mate bijdraagt aan de schaakvreugde van de oudere schaker.