|
Terug Een merkwaardige partij PZC 13 april 1974 Een van de opwindendste en tegelijk een van de
meest curieuze partijen ooit gespeeld, is de partij Janowski -
Edward Lasker uit het toernooi te New York in 1924. De held van de
partij en tegelijk het slachtoffer van de grillen van Caïssa was de
witspeler David Janowski. Geen schaakspeler heeft in zijn leven
zoveel gewonnen staande partijen verblunderd. Maar dat het juist in
deze partij moest gebeuren was toch wel buitengewoon dramatisch.
David Janowski was een zeer bijzonder mens. Hij was ongelofelijk
eigenwijs en beschouwde zichzelf a1s de beste speler die ooit
geleefd had. Geen enkele nederlaag deed hem in dat opzicht van
mening veranderen. Toen hij bijvoorbeeld in zijn match met Emanuel
Lasker (geen familie van Edward Lasker) in 1908 de eerste drie
partijen verloren had, zei hij, dat Lasker zo stompzinnig schaak
speelde, dat het niet om aan te zien was. Lasker won die match met
8-0!
Van Janowski was ook bekend, dat hij elke prijs die hij won met
de meeste spoed aan de speeltafel vergokte. Iedere keer dacht hij,
dat hij een waterdicht systeem had ontwikkeld.
En dan nu de partij waar het om gaat.
D.Janowski - Ed.Lasker. New York New York, 1924.
1.d4 d5 2.Lf4 Pf6 3.e3 e6 4.Ld3 c5 5.c3 Db6 6.Dc2 Pbd7 7.Pd2 Ld6
8.Lxd6
Beter was 8.Pgf3. Afruil op f4 zou wit dan teveel invloed
in het centrum geven.
8… Dxd6 9.f4 Pg4 10.Pf1 cxd4 11.cxd4 Db4+ 12.Ke2 Pb6 13.a3 De7
14.Pf3 Ld7 15.h3 Tc8 Gedachteloos gespeeld. Na 15…Pf6 zou zwart overwegend hebben
gestaan.
16.Dxc8+! Janowski grijpt zijn kans. Hij krijgt slechts een toren en een paard
voor zijn dame en dat is niet genoeg. Zwarts taak is echter
allesbehalve gemakkelijk. Zijn stukken werken onvoldoende samen en
de druk van wit op de h-lijn is erg vervelend.
16… Pxc8 17.hxg4 Pd6 18.Tc1 Pc4
Verovert de meerderheid op de damevleugel, maar daarmee is de
partij geenszins gewonnen zoals spoedig blijkt.
19.Lxc4 dxc4 20.P1d2 b5 21.Th5 f6 22.g5 Kd8?
Waarschijnlijk de beslissende fout. Zwart offert een pion om
zijn koning in veiligheid te brengen. Veel beter was 22… Lc6, zoals
Aljechin in het toernooiboek aangeeft, om de loper tegen een paard
te ruilen. In het verdere verloop van de partij zal de loper een
droevige rol spelen.
23.Tch1 Le8 24.Txh7 Txh7 25.Txh7 fxg5 26.Pxg5
Dreigt 27.Txg7!
26… Kc8 27.Th8 Kb7 28.Pde4
Dreigt 29.Txe8. De paarden werken als paarden.
28… Kb6 29.Pc5 Lc6
Weer volgens Aljechin was wits 29e zet minder goed en
had zwart zich nu met 29…e5 uit de nesten kunnen werken. Zoals Ed.
Lasker in zijn boek ‘Chess Secrets’ laat zien klopt dat niet
helemaal. Bijvoorbeeld: 29… e5 30.Pge6 exf4 31.exf4 en wit blijft
geweldig staan (31… Lf7 32.Tb8+ Ka5 33.Tb7 De8
34.Txa7+ Kb6 35.Ta6 mat.)
30.Pgxe6 Ld5
De pion op g2 had zwart in elk geval kunnen ‘meenemen’.
31.Pg5 Ka5 32.e4 Lc6 33.Ke3 Le8 34.Pf3 b4 35.Pe5!
Op 35… c3 zou nu volgen 36.bxc3 bxa3 37.Txe8! Dxe8
38.Pc4+ Kb5 39.Pd6+ enz. 36… Lb5
36.a4
Wint ook, maar veel en veel langzamer dan 36.Tb8!, waarmee de
partij meteen uit was. Er dreigt dan mat in twee zetten (Pxc4 en
axb4 mat) en op 36… b3 volgt 37.a4!
36… Lxa4 37.Pxc4+ Kb5 38.Pe5 Ka5 39.Tb8 Lb5 40.g3 g5 41.Pf3 gxf4+
42.gxf4 Dh7 43.f5
Eenvoudiger was 43.Tb7. De zwarte a-pion gaat nu nog voor
verwarring zorgen.
43… Dh1 44.Pb3+ Ka4 45.Pbd2 Dh6+ 46.Kf2 Ld3 47.Tg8 Df4
Door vermoeidheid geplaagd heeft wit niet al te best gespeeld.
De tegenkansen van zwart blijken uiteindelijk toch onvoldoende.
48.Th8 b3
De pion op e4 kon niet genomen worden.
49.Th4 Dc7 50.f6 Lc4 51.Th5 Le6 52.Te5 Df7 53.Txe6!!
Uitstekend! De zwarte dame kan tegen de witte vrijpionnen
en de formidabele paarden niet op. 53… Dxe6 54.e5 Kb4 55.Ke3 a5 56.Kf4 a4 57.Pg5 Dd7 58.f7 De7 59.d5 a3
60.bxa3+ Kc3
Zwart doet wat hij kan.
61.d6 Df8 62.Pge4+ Kd3 63.e6 Dh6+ 64.Kf5 b2 65.d7 Df8 66.a4 Da8
67.e7

Ooit zo’n stelling gezien? Wit staat nu volkomen gewonnen. Hij kan
echter nog één fout maken en warempel, hij maakte hem. Om je de
haren uit je hoofd te trekken.
67… Dd5+ 68.Kf6 Dd4+ 69.Ke6??
Dat is hem! Na 69.Kg6! b1D 76.d8D Dbg1+ 71.Pg5 was de parttij
uit.
69… b1D 70.Pxb1
Indien 70. d8D dan Da2+ 71…Dxf7+ met eeuwig schaak.
70… Dxe4+ 71.Kf6
Naar de damevleugel kan de koning ook niet uitwijken, want al
hij dan tenslotte op d8 is aangeland, wordt hij met Db8 mat gezet.
Mat op d bovenste rij.
71… Dh4+
Remise. (72.Kg7 Dxe7 73.e8D Dxd8 74.f8D Dd7+ en
75… Dxa4). Bij het analyseren van deze historische slag op
het schaakbord is dankbaar gebruik gemaakt, zoals het heet, van
aantekeningen van Aljechin en Edward Lasker.
|