
ELO-fetishisme
PZC 21-1-1994
De Amerikaanse professor Arpad Elo bedacht
meer dan twintig jaar geleden een systeem, waarmee de
speelsterkte van schakers gemeten kon worden. Dit
Elo-ratingsysteem is thans algemeen ingeburgerd. Wie geen
Elo-rating heeft, telt niet meer mee. Veel toernooidirecties
houden zich bij de samenstelling van hun toernooien angstvallig
aan de Elo-lijst. Dat geeft soms vreemde en onaangename
gevolgen. Zo werd Paul van der Sterren niet als geplaatste
speler toegelaten tot het Interpolistoernooi, omdat zijn rating
te laag was. Spelers, die hij in het interzonale toernooi achter
zich had gelaten, b.v. Shirov en Piket, kregen wel een plaatsje
op de plaatsingslijst. Timman mag niet meer meedoen met het
grootmeestertoernooi in Linares, een toernooi waar hij eens
grote successen behaalde, omdat zijn rating te laag is.
Wie is er sterker?
Jeroen Piket of Boris Spassky? Afgaande op de Elo-rating
zou het antwoord moeten luiden Jeroen Piket. Maar iedereen, die
nog niet helemaal door het ratingfetisjisme is bevangen, weet
dat het tegendeel nog steeds het geval is.
Succes in de sport is een momentopname. Bij
schaken is het niet anders. Boris Gulko werd laatste in het
kampioenschap van de Verenigde Staten, maar plaatste zich direct
daarna wel voor het kandidatentoernooi van de PCA in Groningen.
De Amerikaanse kampioen Yermolinsky was daar weer nergens. Wie
de hoogste rating heeft, is lang niet altijd de beste schaker.
Het ratingsysteem functioneert ondanks het feit, dat sinds de
uitvinding tal van verbeteringen zijn aangebracht, lang niet
vlekkeloos. Een kwalijk gevolg is een sterke inflatie. Was tien
jaar geleden een toernooi van categorie 16 (een gemiddelde
rating van 2600 of hoger) het hoogst bereikbare, thans zijn
toernooien van categorie 18 (meer dan 2680) geen uitzonderingen
meer. Op dit moment zijn er al acht spelers met een rating van
boven de 2680, hoger dan Petrosjan, ooit heeft gehad! Op de pas
gepubliceerde FIDE wereldranglijst staan 53 spelers met meer dan
2600 ratingpunten.
Van de wereld van de cijfertjes naar die
van het schaakbord. In het toernooi in Groningen slaagde
Kortchnoi er niet in zich bij de beste zeven te plaatsen, maar
speelde desondanks enkele opmerkelijke partijen.
Serper (Rusland) - Kortchnoi (Zwitserland), Groningen 1993.
1.c4 De witspeler bestrijdt zijn
tegenstander, die een groot kenner is van deze Engelse opening
met diens eigen wapens. 1.... Pf6 2.Pc3 e5 3.Pf3 Pc6 4.g3 d5
Nu ontstaat een Siciliaanse partij met verwisselde kleuren. Ook
goed is 4.... Lb4, zoals in de matches tussen Kasparov en Karpov
meer dan eens is gespeeld. 5.cxd5 PxdS 6.Lg2 Pb6! 7.0-0
Als de witspeler had kunnen bevroeden wat Kortchnoi van plan
was, had hij nog wel even met de rokade gewacht. 7.... Le7
8.Tb1 Een doodnormale zet zou je zo denken. In het
Siciliaans echter ongebruikelijk, althans in de openingsfase.
Beter is 8.a3, gevolgd door b4. Ook 8.a4! is niet slecht.
8.... g5!!

Niet te geloven! In zo'n vroeg stadium komt
de oude rot met een sensationeel nieuwtje. De jonge witspeler
weet er niet goed raad mee. 9.d3 h5 10.a3 h4 11.b4 hxg3
12.hxg3 a6 13.b5 Pd4 14.Pxd4 exd4 15.bxa6 Txa6 Nu moet wit
reeds rekening houden met de inzet van deze toren langs de
h-lijn. De opmars op de damevleugel heeft slechts wits eigen
stelling verzwakt. 16.Pb5 Pa4! Zwarts
lievelingsstrategie: spel op twee fronten. Het paard op b5 zit
in de klem. 17.e3 Een gedwongen kwaliteitsoffer. Op een
andere manier is c6 niet te pareren. 17.... c6 18.Pxd4 Pc3
De klassieke paardvork. 19.Dc2 Pxbl 20.Dxb1 Dd6! Voor
zijn materiaalwinst heeft zwart wel een prijs moeten betalen.
Zijn koning blijft in de gevarenzone. 21.Db3 Dh6 22.Te1 c5!
Zwart moet doortastend spelen om zijn voordeel te bewaren.
23.Pf3 Lh3!! Angst is een woord, dat in Kortchnoi's
vocabulaire niet voorkomt. 24.Dxb7 Lxg2 25.Dc8+
Noodzakelijk. Op meteen 25.Kxg2 volgt 25....
Dh3+ 26.Kg1 Tah6!! waarmee zwart de doelstelling van
8.... g5!! fraai verwezenlijkt. 25.... Ld8 26.Kxg2 Te6
Onderbreekt de lijn naar h3, zodat Dh3+ opnieuw dreigt. De witte
koning wordt uit zin schuilhoek gejaagd. 27.Pg1 Dh1+ 28.Kf1
Tf6 29.e4 Th2 Beslist op korte termijn. Het is grappig te
zien hoe onaanraakbaar de zwarte koning is. 30.Ke2 Thxf2+
31.Kd1 Td6 32.Le3 Txd3+ 33.Kc1 Tc3+ 34.Kd1 Dh6 Wit
gaf het op. Op 35.Lxc5 om Dd6 te verhinderen, wint 35.... g4 met
matdreiging op d2.
Engels is een veelzijdige opening. Een heel
ander systeem wordt in de volgende partij met succes gehanteerd.
Bosboom-Telljohan, Münster 1994.
1.c4 g6 2.Pc3 Lg7 3.g3 e5 4.Lg2 d6 5.d3
Pe7 6.Pf3 0-0 7.0-0 f5 8.Tb1 Wit kiest voor een langzame
uitbouw van de damevleugel, waar zwart zeer precies op moet
reageren. 8.... h6 9.Dc2 g5 10.b4 c6 11.Td1 f4 Zwart
lijkt goed te staan, maar wit heeft toch belangrijke troeven in
handen, veld e4 en de diagonaal naar b7. 12.Pe4 Pf5 13.d4 g4
Daar heeft wit natuurlijk op gerekend. Met een sterk
stukoffer slaat hij nu de zwarte stelling uit elkaar. Met een
dergelijk offer moet een speler, die zijn pionnen voortvarend
naar voren werpt, altijd rekenen.

14.Pxe5!! dxe5 15.dxe5 De7 16.gxf4
Wit heeft drie pionnen voor zijn stuk en een fraaie stelling.
16.... Ph4 17.Pd6 Pxg2 De afruil van de witte loper op g2
deert wit op geen enkele wijze. 18.Kxg2 Pa6 19.Dg6 De6
20.Pxc8! Dxc8 Na 20.... Dxg6 21.Pe7+ blijft wit ook in het
voordeel. 21.Td6 Pc7 22.e4 Pe8 23.Td3 a5
24.Le3! Voor een miezerig pionnetje maakt wit zich nu
niet druk meer. Er is groter wild te vangen. 24.... axb4
25.Tbd1 Nu heeft wit de d-lijn in zijn macht, hetgeen snel
beslist. 25.... Pc7 26.Td7 Pe6 27.f5
Zwart gaf op. Het toernooi waarin deze
partij werd gespeeld, werd verrassend gewonnen door de 15-jarige
Vietnamees Dao Thien voor Kindermann, Smyslov, Unzicker en Sofia
Polgar. Bosboom eindigde daar vlak achter.
Een ander toernooi in Montpellier werd
gewonnen door de Marokkaan Hamdouchi. Het schaakspel wordt
steeds internationaler!