Back                 Denken als een grootmeester.                  Middelburgs Schaaknieuws

Een van de aardigste schaakboeken is al jarenlang Think like a Grandmaster, (Denken als een grootmeester), van Alexander Kotov *. Het is al een stokoud boek, maar nog steeds te krijgen, in het Duits en Engels. Het is niet alleen een leerzaam boek, maar ook erg onderhoudend, in hedens spraakgebruik: ‘leuk’.

 

Hij vertelt ergens, dat in de lobby van het centrum van de vakbonden, (huis met de zuilen) waar in 1936 het grote toernooi van Moskou werd gespeeld, een groep schaakmeesters een eindspel aan het analyseren was. Ze konden de juiste weg naar winst maar niet vinden en maakten er flink en langdurig ruzie over. Op een gegeven moment (un momento dado...Cruijff!!) kwam Capablanca langs. Hij hield er van om rond te lopen als hij niet aan zet was en had de toernooizaal verlaten. Toen hij in de gaten kreeg waar het tumult over ging, boog hij zich voorover, keek even naar de stelling en zei: ‘Si, si’ en herschikte plotseling de stukken op het bord om te laten zien wat de juiste stukkenformatie was om tot winst te kunnen komen. Don José deed geen zet. De anderen waren met stomheid geslagen. Zij kregen meteen in de gaten hoe het winstproces zou moeten verlopen. De bewondering voor het Cubaanse fenomeen was groot. Niet voor niets zei Botwinnik later, dat het grootste talent, dat de wereld ooit heeft gekend Capablanca was.

Kotov geeft een voorbeeld over de denkwijze van Capablanca. Daarbij nam hij de volgende stelling uit de partij Capablanca - Ragozin uit het Moskouse toernooi**:

 

 

 

In de stelling van het diagram gaf de Cubaan in het toernooibulletin het winnende schema aan. De koning moet naar e3, de toren naar c3, het paard op d4 en de pion naar b4. De afzonderlijke zetten interesseerden hem minder dan de winnende opstelling. In de partij ging alles volgens plan.

33.Pd4 Tb7 34.b4 Ld7 35.f4 Ke7 36.Kf2 Ta7 37.Tc3 Kd6 38.Td3 Ke7 39.Ke3 Ta4 40.Tc3 Kd6 41.Td3 Ke7 42.Tc3 Kd6 43.Pe2 Nu volgt een nieuwe hergroepering om de pionnen op de damevleugel naar voren te kunnen brengen. Daarom moet het paard naar c3. 43...g6 44.Td3+ Ke6 45.Kd4 Ta6 46.Te3+ Kd6 47.Pc3 f5 48.b5 Ta8 49.Kc4 Le6+ 50.Kb4 c5+ 51.bxc6 Lg8 52.Pb5+ Kxc6 53.Td3 Nu vallen alle zwarte pionnen en wit zet zijn voordeel in winst om. 53...g5 54.Td6+ Kb7 55.fxg5 hxg5 56.Tg6 Tf8 57.Txg5 f4 58.Pd4 Tc8 59.Tg7+ Kb6 60.Tg6+ Kb7 61.Pb5 Tf8 62.Pd6+ Kb8 63.h4 Zwart gaf het op.

Geen superieure aanvalspartij, maar een staaltje van vlekkeloze techniek. Men is geneigd te zeggen ‘Op de manier van Karpov”!

 

Een van de strijdkreten van de goede eindspelspeler is: HAAST U NIET! Dat had Kotov van zijn vriend Sergei Belavenetz*** opgestoken. Die had zoiets geschreven als: ‘De basisregel van eindspel is, dat men zich niet moet haasten. Als je een kans hebt om een pion een of  twee velden op te spelen, speel dan bij voorkeur maar een veld vooruit. Verder opspelen kan later altijd nog. Herhaling van zetten is niet erg en soms zelfs heel erg nuttig. Je wint er niet alleen tijd mee, maar het levert ook psychologische winst op. De verdediger met de slechte positie wordt zo onder nog sterkere druk gezet en is geneigd om nog meer concessies te doen. Afgezien daarvan, herhaling van zetten zuivert de geest, geeft een gevoel van macht.’

 

* Alexander Kotov (1913 - 1981) was een topschaker, die echter net iets te kort schoot om een gooi te kunnen doen naar het wereldkampioenschap. Zijn grootste toernooioverwinning was het interzonale toernooi van Saltsjöbaden in 1952. Hij had niet minder dan 3 punten voorsprong op nummer twee Petrosjan en Taimanov en 12 op nummer 21 Lodewijk Prins! Men is het bijna vergeten, maar dat was een van de indrukwekkendste toernooioverwinningen uit de geschiedenis. Hij was dan ook de grote favoriet voor het kandidatentoernooi van 1953 in Zwitserland. Daar faalde hij. Niet omdat hij slecht speelde, maar omdat hij de druk niet aankon. Hij liet o.a. de winnaar Smyslov op gruwelijke wijze ontsnappen.

Later is hij zich gaan toeleggen op het schrijven van boeken. Zijn grootste prestatie was het tweedelige werk over Aljechin.

 

**Het toernooi van Moskou 1936 was een van Capablanca’s grootste successen uit zijn carrière:

1. Capablanca         13 punten.

2. Botwinnik          12

3  Flohr               9,5

4. Lilienthal          9.

5. Ragozin             8,5

6. Lasker              8

7. Kan                 7,5

8. Löwenfisch          7,5

9. Rjoemin             7,5

10.Eliskases           7,5

Enkele maanden later deelden Botwinnik en Capablanca de eerste plaats in een van de sterkste toernooien aller tijden, Nottingham 1936.

 

*** Sergei Belavenetz leefde van 1910 tot 1942 en sneuvelde als soldaat in de tweede wereldoorlog. Hij werd 32 jaar. Het was een groot talent. Hij won o.a. het kampioenschap van Moskou in 1938 samen met Smyslov voor 17 anderen. In het kampioenschap van de Sovjet Unie van 1939 werd hij derde, achter Botwinnik en Kotov, maar voor 17 andere grootheden.