Back                                             Wat gebeurde er in 1962?                                   PZC 18-6-2005

 

In 1962 werd in Curaçao het kandidatentoernooi voor het wereldkampioenschap gespeeld. De deelnemers waren de Amerikaan Fischer, de Amerikaan van Hongaarse afkomst Benkö, de Tsjech Filip en uit de Sovjet Unie Petrosjan, Keres, Geller, Kortchnoi en Tal. Het was een loodzwaar toernooi, waarin de deelnemers elkaar vier keer ontmoetten. Favoriet voor velen was Bobby Fischer, die met magistraal schaak het voorafgaande interzonale toernooi van Stockholm had gewonnen. Maar het liep heel anders. Tal werd ziek en moest zich na de derde cyclus terugtrekken. Kortsjnoi, het Russische buitenbeentje, kreeg in de tweede helft van het toernooi een grote inzinking. Winnaar na 28 ronden werd Petrosjan, een half punt voor Geller en Keres.

Kort na het toernooi schreef Fischer een artikel in een Amerikaans blad, waarin hij de Russen van bedrog beschuldigde. Daar werd toen wat meesmuilend over gedaan, de Amerikaan zou niet goed tegen zijn verlies hebben gekund. Ondertussen is men het er wel over eens geworden, dat er inderdaad sprake is geweest van een combine. In een nieuw boek van Jan Timman, ‘Curaçao 1962’, wordt het allemaal nog eens haarfijn uit de doeken gedaan. Petrosjan, Keres en Geller zouden van te voren afgesproken hebben, dat ze alle partijen met elkaar snel remise zouden spelen om krachten te sparen. Uit de toernooitabel en uit hun onderlinge partijen blijkt, dat ze dat ook gedaan hebben. Het waren allemaal korte remises. Ze zaten een half uur of zo achter het bord, speelden snel wat zetten, ruilden zoveel mogelijk stukken af en vertrokken naar het zwembad. Kortchnoi, die net als Tal buiten de afspraak was gehouden, zei tegen Geller: “Jullie maken maar remise zonder te spelen. Wie denken jullie daarmee te kunnen verslaan?” Het veelzeggende antwoord van Geller was: “Jou!”.

Volgens Kortchnoi was het idee van de snelle remises afkomstig van Geller en Petrosjan. Het grootste slachtoffer werd misschien niet Fischer, maar Keres zelf, die om onbegrijpelijke redenen meedeed aan het opzetje. Op het eind van het toernooi had Keres tegen Benkö een slechtstaande afgebroken partij.  Geller en Petrosjan gingen stiekem naar Benkö, hoewel die door de communisten als een overloper in de ban was gedaan, en boden hem desondanks hulp aan om Keres te verslaan! Timman schrijft over dit verraad, dat hij  diep geschokt zou zijn geweest, al hij geweten had, dat spelers, die hij diep bewonderde, tot zulke streken in staat waren.

Dat het van tevoren afspreken van remise gevaarlijk kan zijn, bleek in de 25e ronde. De partij Keres-Petrosjan duurde slechts 14 zetten. De partij werd remise gegeven in een volgens Fischer gewonnen stelling voor Petrosjan! Het ging zo:

Keres- Petrosian.

1.e4 c5 2.Pf3 Pc6 3.d4 cxd4 4.Pxd4 g6 5.c4 Pf6 6.Pc3 Pxd4 7.Dxd4 d6 8.c5 Lg7 9.Lb5+ Ld7 10.Lxd7+ Dxd7 11.cxd6 0-0 12.Lg5 Pe8 13.Db4 Pxd6 14.f3 a5

Remise.

 

 

 De slotstelling.

 

Timman geeft een interessante en uitgebreide analyse waarin hij aantoont, dat Fischer gelijk had. Een korte samenvatting: Als wit 15.Db3 speelt volgt 15….a4! 16.Db4 a3! en de witte stelling staat op instorten. Beter is daarom 15.Da3, waarop Timman o.a. de volgende variant geeft: 15… h6 16.Lf4 Pc4 17.Db3 Tfc8 18.0-0 a4 19.Db4 Pxb2 20.Pd5 Pd3 21.Dxe7 Td8! 22.Pf6Lxf6 23.Dxf6 Ta6 en zwart wint.

Ondanks het feit, dat Geller, Petrosjan en Keres in rap tempo al hun partijen remise speelden, werden er mooie partijen gespeeld. Maar ook bijzonder slechte. Timman analyseerde in zijn boek niet alle partijen, maar wel de interessantste, o.a. de volgende.

Keres - Benko, 20e ronde.

1.e4 c5 2.Pf3 Pc6 3.d4 cxd4 4.Pxd4 g6 5.Pc3 Lg7 6.Le3 Pf6 7.Lc4 Pa5 8.Le2 0-0 9.0-0 d6 10.f4 Ld7 11.Pb3 Lc6 12.Dd3 Pd7 13.Lf3 Pxb3 14.cxb3 Pc5 15.Dc2 Dd7 16.e5 Tac8 17.Tad1 De6 18.Lxc6 Txc6 19.Df2 b6 20.exd6 Txd6 21.Txd6 exd6 22.Td1 Pe4! 23.Pxe4 Dxe4 24.h3 Of 24.Txd6 Te8 25.Ld2 Lf8 en 'White would be as good as dead' (Timman). 24...Tc8 25.Txd6 Te8 26.Ld4 Lh6 27.Td7 Lxf4 28.g3 De6 29.Txa7 Lb8 30.Tb7 Lxg3? Een blunder in tijdnood.

 

 

31.Df3? De spanning is ook Keres teveel. Winnend was 31.Dxg3 Dd5 32.De3!! 31...Ld6? 32.Kg2 Lc5 33.Lc3 Lf8 34.Ta7 h5 35.a4 De zetten werden hier al razendsnel uitgevoerd. 35...f5? 36.b4 g5? Paniek. 37.Dxh5 Dd5+ 38.Kg1 Lc5+

Benkö was zo nerveus, dat hij bij het uitvoeren van deze zet enkele stukken van het bord gooide. Keres drukte onmiddellijk de klok in om Benkö  te dwingen de stukken in diens eigen tijd weer op te zetten. Die had geen tijd genoeg meer en zijn vlag viel. In een remisestelling, want wit kan aan eeuwig schaak niet ontkomen. Benkö was zo kwaad over Keres' gedrag, dat hij zwoer hem in de laatste partij te zullen verslaan. Hetgeen geschiedde en Keres de eerste plaats kostte en misschien wel de wereldtitel! Die ging uiteindelijk naar Petrosjan.

Timmans boek is een waardevolle aanwinst voor de echte schaakliefhebber. De analyses zijn briljant en de historische gegevens opzienbarend. Jan Timman: Curaçao 1962.  Uitg. New in Chess. 224 blz. €. 22,95.