Terug                              Capablanca en de vrouwen                                        PZC 23-1-1981
 

Schakers zijn ook maar mensen... In Schaakbrevier, een nieuw schaakboek van J. A. Frank, staat ook een artikel over Capablanca, het Cubaanse schaakfenomeen uit de eerste helft van deze eeuw. Zijn speelsterkte wordt geroemd, maar dat niet alleen. Bij het Moskouse toernooi van 1925 viel op een ander facet van zijn persoonlijkheid het licht: zijn aantrekkingskracht voor vrouwen.
"Tijdens het toernooi liepen de vrouwen hem letterlijk achterna"
, berichtte de Russische schaakmeester Panov. Zodra hij het bord verliet, omringde hem een schare van aanbidsters.... Aan het eind van het toernooi bezat hij 200 dozen bonbons.
"Toen in Karlsbad 1929 zijn vrouw onverwacht de zaal in kwam, raakte Capablanca zo in de war, dat hij tegen Sämisch een grove fout maakte en de partij verloor. Maar zijn schrik was begrijpelijk; op zijn hotelkamer wachtte al een vriendin op hem."

Capablanca's historische blunder ging als volgt: 




Zwart aan zet, speelde 9...La6?? en hij verloor als volgt een stuk: 10.Da4 Lb711.d5 enz.
Niet in Schaakrevier wordt vermeld, dat hij wit nog meer dan 50 zetten liet ploeteren om het winstpunt binnen te halen.

Beroemd is ook Laskers nederlaag tegen Torre in 1925 tijdens het toernooi van Moskou. Lasker, die behalve in schaken ook nog uitblonk in wiskunde en filosofie, had een drama geschreven, Vom Menschen die Geschichte. Toen hem tijdens zijn partij met Torre werd meegedeeld, dat zijn drama in het theater opgevoerd zou worden, raakte hij zo de kluts kwijt, dat hij zijn gunstig staande partij verknalde.
De blunders van Capablanca en Lasker zijn dus verklaarbaar, maar zulke duidelijke gevallen van 'psychologische overmacht' zijn zeldzaam. Meestal is er geen enkele redelijke verklaring voor schaakblindheid. Zeer zeldzaam zijn de partijen waarin wederzijdse schaakblindheid optreedt. Bekend is een geval uit de match Euwe-Aljechin. Enkele zetten verkeerde het publiek in geweldige spanning en een zucht van verlichting steeg op, toen Euwe tenslotte de zet deed, die de combinatie die in zijn nadeel zou zijn uitgevallen, onmogelijk maakte.
Zeer veel hilariteit veroorzaakte het volgende geval uit een vrouwentoernooi in Sotsji in 1971

 

 

 

Het vervolg was 60.Tg8+Tg8:+ 61.Tg7??? Tg7: + 0-1.
Duidelijk is wat hier gebeurde. Wit zag niet, dat zij na 60.... Tg8: schaak stond. Zij nam de toren in de hand en speelde 61.Tb8+, maar daar ging de zwartspeelster natuurlijk niet mee akkoord. Wit moest met de toren (aangeraakt is zetten) spelen, vandaar het mysterieuze 61.Tg7???

Zeer aardig is ook het volgende geval:

 

 

 

Zwart, die gewonnen stond dacht de partij als volgt te kunnen beslissen:
1.... De1+ 2. Kh2 Th3+ 3.Lh3: Pf3+???
Helaas voor hem stond dit paard gepend! **
Blunders mogen in de meeste gevallen volstrekt onverklaarbaar zijn, zeer begrijpelijk zijn de psychologische gevolgen. Hoewel de blunderaar het meestal niet zo bont maakt als Robert Hübner tegen Kortsjnoi, (weglopen is toch wel het laatste wat je kunt doen) kan het zijn verdere resultaten in hoge mate beïnvloeden. Slechts de echte sportman laat zich niet of slechts zeer kort uit het veld slaan.

 

** In die tijd werden nog alle rubrieken door typistes overgetypt. Een van hen veranderde elke keer het woord 'gepend' door 'geopend' in de veronderstelling dan van een schrijffout sprake was.....