Back
Bedrog op hoog niveau?
PZC 4-1-2007
Het rumoer
rond de match om de wereldtitel tussen Kramnik en Topalov
met het beruchte toiletincident, is nog niet ten einde. In
een interview in de Spaanse krant ABC heeft Topalov opnieuw
uitgehaald naar Kramnik en de autoriteiten in Kalmukkië. Hij
herhaalt in sterke bewoordingen zijn beschuldiging, dat
Kramnik bedrog heeft gepleegd met behulp van elektronische
middelen. Bovendien zouden Topalov en zijn medewerkers
bedreigd zijn en niet zonder moeite Elista, waar de match
gespeeld werd, hebben kunnen verlaten.
De Russen hebben daarop hevig geprotesteerd bij de FIDE en
geëist dat de Bulgaar zijn beschuldigingen terugneemt. Doet
hij dat niet dan zullen ze verdere stappen ondernemen, die
er toe kunnen leiden, dat Topalov voor drie jaar wordt
geschorst. Dat het in de schaakwereld niet helemaal koek en
ei is, was natuurlijk al lang bekend. Ook in het verleden
waren er soms onverkwikkelijke ruzies. Karpov, Kortsjnoi en
Kasparov bijvoorbeeld gooiden ook voortdurend met modder
naar elkaar. Meestal waren het gebeurtenissen buiten het
schaakbord, die de gemoederen in beweging brachten, nu gaat
het echter om bedrog op het bord zelf.
Dat Topalovs beschuldigingen mogelijk niet zomaar loze
beweringen zijn, blijkt uit een incident in India. De
Indische schaker Umakant Sharma is een speler, die al enkele
jaren een ELO rating had die schommelde rond de 1900.
Plotseling steeg zijn rating na enkele spectaculaire
toernooisuccessen tot 2484. Dat gaf aanleiding tot
verdenking. Een nauwkeurig onderzoek op een recent toernooi
in Delhi wees uit dat hij onder zijn pet een bluetooth
apparaatje had bevestigd. Daarmee kun je draadloos een
verbinding tot stand brengen met iemand op afstand. De
toernooileiding was er blijkbaar van overtuigd, dat hij
fraude had gepleegd, want hij kreeg van de Indiase
schaakbond een schorsing opgelegd van niet minder dan tien
jaar! Het directe gevolg voor het toernooi was, dat alle
spelers bij het betreden van de toernooizaal werden gescand
op het bezit van elektronische apparatuur. De vooruitgang is
onstuitbaar!
Kleine
fraude is in het schaken niet ongewoon. Al sinds
mensenheugenis worden er partijen geconstrueerd, die dan
zogenaamd echt gespeeld zijn. De bekendste verzonnen
partijen zijn die van Napoleon. Ze verschenen niet lang na
zijn dood in 1821. De bedoeling was natuurlijk om de
grootheid van de Napoleon nog eens te accentueren. Het
zijn zeker aardige grappen, maar meer ook niet.
Madame de Remusat -
Napoleon. Parijs 1802.
1.e4 Pf6 2.d3 Pc6 3.f4 e5
4.fxe5 Pxe5 5.Pc3 Pfg4 6.d4 Dh4+ 7.g3 Df6 8.Ph3 Pf3+ 9.Ke2
Pxd4+ 10.Kd3 Pe5+ 11.Kxd4 Lc5+ 12.Kxc5 Db6+ 13.Kd5 Dd6
mat.
Napoleon - Bertrand. St.
Helena 1820.1.e4 e5 2.Pf3 Pc6 3.d4 Pxd4 4.Pxd4 exd4 5.Lc4
Lc5 6.c3 De7 7.0–0 De5 8.f4 dxc3+ 9.Kh1 cxb2 10.Lxf7+ Kd8
11.fxe5 bxa1D 12.Lxg8 Le7 13.Db3 a5 14.Tf8+ Lxf8 15.Lg5+ Le7
16.Lxe7+ Kxe7 17.Df7+ Kd8 18.Df8 Mat!
Een heel
ander verhaal was de volgende ‘partij’.
Gibaud - Lazard. Parijs,
1924.
1.d4 Pf6 2.Pd2 e5 3.dxe5 Pg4
4.h3 Pe3!!
Wit gaf
het op. Op 4.fxe3 volgt 4...Dh4+ en mat.
Dit fraaie niemendalletje is ontelbare malen herdrukt. Het
werd steeds genoemd 'de kortste partij ooit door een
schaakmeester verloren.' De eerste die er de aandacht op
vestigde was Tartakower omstreeks 1930. Toen de bekende
Amerikaanse schrijver Chernev er veel later ook weer eens
melding van maakte, ontving deze een brief van de beledigde
verliezer. Die deelde mee, dat hij nog nooit een
toernooipartij in vier zetten had verloren. Het raadsel werd
pas een paar jaar geleden ontrafeld door de schaakhistoricus
Ken Whyld. Hij had in een nummer van de British Chess
Magazine van juni 1921 een voetnoot gevonden waarin stond,
dat de Russische speler Snosko Borovsky 1921 aan Lazard en
Gibaud het volgende curieuze partijtje had laten zien: 1.d4
d5 2.Pf3 Lg4 3.Pe5 Pf6 4.Pxg4 Pxg4 5.Pd2 e5 6.h3?? Pe3.
Snosko had het ergens in Parijs zien spelen. Iemand (Tartakower?)
moet het voor de grap een beetje bewerkt hebben en de
namen er bij gefantaseerd. Snosko Borovski is o.a. bekend
geworden door het feit, dat hij eens een boek heeft
geschreven 'Fouten van Capablanca'. Toen Capablanca dat
hoorde, zei hij, dat hij al een paar jaar bezig was met het
boek 'Goede zetten van Snosko Borovsky', maar dat hij nog
niet verder gekomen was dan de titel!
Er zijn honderden in elkaar
geknutselde partijen bekend. Het gebeurt nog dagelijks. Soms
gebeurt het op bevel van hoger hand! Dat was zeker in de
Sovjet periode af en toe het geval, maar niet met de partij
Kortsjnoi - Taimanov uit Hastings 1955-56. Kortsjnoi was er
de man niet naar om zich te laten voorschrijven hoe hij
moest spelen. Op verzoek van zijn tegenstander werd tevoren
de volgende partij in elkaar gezet.
Kortsjnoi - Taimanov.
Hastings 1955.
1.e4 c5 2.Pf3 Pc6 3.d4 cxd4
4.Pxd4 Pf6 5.Pc3 d6 6.Lg5 e6 7.Dd2 a6 8.0–0–0 Ld7 9.f4 Tc8
10.Pf3 Da5 11.Kb1 b5 12.Ld3 Pb4 13.The1 Pxd3 14.Dxd3 b4
15.Pd5 exd5 16.exd5+ Kd8 17.Lxf6+ gxf6 18.Dd4 Kc7 19.Da7+
Kd8 20.Dd4 Kc7 21.Da7+ Remise
Deze partij zou al lang
vergeten zijn, als Taimanov er niet over had opgeschept hoe
geniaal ze gespeeld hadden. Dat viel bij Kortsjnoi een
beetje verkeerd. “Hij was bang van me, vooral omdat ik wit
had. Hij haalde me over om op voorhand de partij te
’componeren’. Niks geen briljant schaak.”