Ned Herv Kerk Scherpenisse
Wat Isaak Tirion schreef in 1751.
"De kerk die in 't Zuidelykste van 't Dorp staat, is zeer groot en ruim, doch heeft maar een klein Toorentje". Dat schreef Isaak Tirion in het jaar 1751 over het kerkgebouw van de hervormde gemeente te Scherpenisse, dat in die tijd nog in ongeschonden toestand verkeerde. Een flinke kruiskerk in Brabands-Gotische bouwstijl. Zoals bij vele monumenten is ook van de bouwtijd van Scherpenisse's kerk weinig bekend. Wel is bekend dat Scherpenisse in het jaar 1280 een pastoor kreeg. Waarschijnlijk was er toen ook een kerkgebouw. De kerk is in verschillende fasen tot stand gekomen. Het schip en de toren zijn waarschijnlijk het eerst gebouwd, later gevolgd door de noorder- en zuiderdwarspanden. Rond 1462 werd een nieuw koor gebouwd. Dat blijkt uit het feit dat er op 27 oktober 1462 voor dat doel een stuk grond werd gekocht. Uit de bouwstijl valt op de maken dat tussen 1530 en 1540 het schip is gewijzigd en vergroot en van zijbeuken voorzien werd. Met baksteen werd de toren aan de nieuwe hoogte van het schip aangepast. Op het kruis van de kerk stond toen een fraai rank vieringtorentje.
Verval
In het begin van de zeventiende eeuw raakte de kerk in verval. In 1685 was dit zo erg dat twee pilaren van het koor die dreigden in te storten, moesten worden gerepareerd. In 1706 werd de Prins van Oranje om steun gevraagd, omdat er zonden krachtige geldelijke steun spoedig geen kerkdiensten meer in het gebouw gehouden konden worden. In 1750 werd besloten de preekstoel en de zitplaatsen te verplaatsen, omdat er stenen en kalk uit het gewelf vielen. Toen in 1752 dat probleem nog niet verholpen was, verklaarde de predikant dat "overmits alweder kalk en brockelingen van 't verwulffsel boven den preekstoel quaamen neervallen, hij door nieuwe vrees daardoor soodaenig aangedaan was,.., in dat prijksel(gevaar) den dienst in de kerk niet langer te konnen blijven doen". Vermoedelijk zij kort daarna het koor en de dwarspanden afgebroken, waardoor het huidige, op het eerste gezicht wat merkwaardig aandoende gebouw ontstond. Twee afgeschuinde muren, met op de einden duidelijke breukvlakken bleven staan als herinnering.
Benedicta
Het schip en de toren zijn aan de buitenzijde bekleed met witte bergsteen. De toren, die sterk ondergeschikt is aan de rest van het gebouw, is zwaar opgezet en voorzien van grote haakse steunberen. Vermoedelijk is het slecht de onderbouw van de grote toren, die men wilde bouwen. De afdekking van de toren bestaat uit een houten klokkenverdieping, die evenals de kerk bedekt is met leien. In de klokkenverdieping hangt de in 1484 door Symoen Waghevens

gegoten klok, die 1053 kg weegt. Het opschrift van de klok die volgens de schrijver Kees Jobse "zijn gedreun over het dorp en ver in de polder laat horen" luidt:
Benedicta (de gezegende) es minen naem, Mijn geluyt sye Goede beqaem. Alsoe verre als men mijn horen sal, Wilt God bewaren boven all".
De klok is de enige nog aanwezige van de drie die er in de achttiende eeuw hingen. Rondom de kerk ligt kerkhof tot ca 1928 in gebruik was als begraafplaats. Het kerkhof is eigendom van de kerkvoogdij. In de periode 1971 tot februari 1974 werd een ingrijpende restauratie uitgevoerd. Hierdoor werd onder meer de kerkingang gewijzigd. De toen in gebruik zijnde ingang via de noorddeur die bereikt werd via de lindelaan, werd gewijzigd in een ingang via de toren. Tegen de oostgevel werd een nieuwe kerkenraadskamer gebouwd. Bij het binnengaan van de kerk via de toren valt in de torenhal direct de in Londen gemaakte marmeren gedenkplaat op, die herinnert aan het sneuvelen van de Engelse eerste luitenant William Bryde Champion in 1814. De kerk zelf bestaat uit een middenschip waarin de banken staan en zijbeuken met 17e en 18e eeuwse overhuifde bochten langs de kanten. Zowel het middenschip als de zijbeuken hebben vlakke houten plafonds, die evenals de banken en zijbochten groen geschilderd zijn. Het geheel zorgt voor een rustige sfeer in het gebouw.
Roosevelt
De uit 1616 daterende warmbruine preekstoel staat op een omgekeerd

voormalig doopvont uit de tijd van voor de Reformatie. Aan de preekstoel zijn een koperen kandelaar met petroleumlamp, een zandloper en een doopbekkenhouder bevestigd. Aan de zoldering in het schip hangen twee geelkoperen kronen waarvan één exemplaar dat in 1787 geschonken werd door een verre voorvader van de bekende Amerikaanse president Franklin D. Roosevelt: de heer Johannes Rosevelt, schoolmeester en koster te Scherpenisse. In 1984 stuurde de familie Roosevelt vanuit de Verenigde Staten de officiële eigendomsbewijzen naar de kerkvoogdij, omdat zij er zelf geen belangstelling meer voor hadden. Bezienswaardig is ook het tiengebodenbord uit 1581, dat tussen twee kolommen van de zuidelijke zijbeuk hangt. Dit bord ging tot de restauratie in 1971 aan de westgevel. Nadat het van de muur was gehaald, bleek het aan de achterzijde te zijn beschreven met tien teksten die op de tien geboden betrekking hebben.
Het orgel
Boven de ingang staat het orgel uit 1907. Het is een mechanisch orgel met 1044 pijpen, gebouwd door de orgelbouwer Vermeulen uit Woerden. Hiervoor werd een prijs van f. 2500, -betaald. Het werd op 28 april 1907 ingewijd. In de

jaren vijftig werden twee registers van het bovenwerk gewijzigd namelijk de Open fluit 4' en de Celesta. Hiervoor werden respectievelijk aangebracht Prestant 4' en de Nasard 2B '. De eerste werd van nieuw pijpwerk gemaakt, de tweede van oud pijpwerk. Dit geschiede door de Fa Spiering te Dordrecht. Ook werd de blaasbalg geëlektrificeerd. De trappers liet men echter intact. Bij de laatste restauratie tijdens de kerkrestauratie werd de trompet (links en rechts) afzonderlijk bespeelbaar gemaakt; bas en melodie. Deze restauratie werd uitgevoerd door K.B. Blanken & Zn. te Herwijnen Het orgel bestaat uit een hoofdwerk en een bovenwerk en heeft een aangehangen pedaal. Het hoofdwerk heeft tien, het bovenwerk heeft zes registers. Op het orgel staan twee witte engelen met bazuinen met in het midden David met de harp. De windlade voor het bovenwerk komt uit Middelburg. Op de blaasbalg ligt een fragment van een ijzeren haardplaat met het jaartal 1692.
Dispositie van het orgel:
Hoofdwerk Bovenwerk
Bourdon 16" Viool 8"
Prestant 8" Prestant 4"
Holpijp 8" Fluit 4"
Octaaf 4" Nasard 2 2/3'
Fluit 4" Piccolo 2"
Quint 3 Holpijp 8'
Octaaf 2" Tremulant, ventiel
Mixtuur 2,3,4 sterk Klavierkoppeling
Cornet 4 sterk Aangehangen pedaal
Trompet 8" Klavieromvang Cgr-f3
De laatste restauratie, die onder leiding van architect ir. J.de Wilde te Breda uitgevoerd werd door Huurman b.v. te Delft, ligt nog vers in mijn geheugen. De werkzaamheden die tegelijkertijd aan de kerk en de toren zijn gevoerd, hebben bijna drie jaar, van april 1971 tot februari 1974, in beslag genomen. De restauratiekosten van de kerk liepen uit op een totaal bedrag van f 1.105.000,-, de kosten van de restauratie van de toren kwamen uit op f. 614.000,--. Maar het resultaat mag er dan ook zijn. Ook hier zien we dat de kerkingang werd gewijzigd. De voor de restauratie gebruikte noorddeur is vervangen door de ingang via de toren. De consistorie was voorheen in een houten afscheiding achterin in de kerk. Nu is hiervoor de aanbouw aan de oostzijde in gebruik. De pannendaken van de zijbeuken zijn vervangen door leiendaken. Dit heeft voor het buitenaanzicht duidelijk een harmonischer totaalbeeld tot gevolg. Het raam in de oostgevel boven de preekstoel is dichtgemaakt maar daarentegen werd het raam aan de torenzijde achter het orgel opengemaakt. In een speciale dienst op zaterdagmiddag 23 februari 1974 werd de gerestaureerde kerk weer voor de eredienst ingebruik genomen. Wat de toren betreft heeft men overwogen om deze met zes meter te verhogen. Om het historische beeld geen geweld aan te doen, heeft men naar onze mening hiervan afgezien.
De kerk wordt iedere zondag gebruikt voor de eredienst. De diensten vangen aan 's morgens om 9.30 uur en 's middags om 14.30 uur. De gemeente heeft een eigen predikant. Kandidaat Lohuis heeft op donderdag 16 juli 1998. bekend gemaakt het beroep naar Scherpenisse aan te nemen. Hij is bevestigd op woensdag 23 september 1998 door Ds H. Zweistra uit Leerbroek met als tekst 2 Tim 2 : 24 - 26. Tijdens de intrededienst van Ds. J. Lohuis ging de preek over 1 Petrus 1: 2b.
De gemeente behoord tot de classis Zierkzee en telde in het jaar 2000, 158 belijdende leden, 253 doopleden en 92 overige leden.
Email: ckleppe@zeelandnet.nl
Opmaakt 16 mei 2003 ©Copyright 2003 C.M. Kleppe