De Watersnoodramp van 1953 |
| In
de nacht van zaterdag 31 januari op zondag 1 februari 1953 woedde er een zware storm uit
het noordwesten. Een combinatie van springvloed en zeer krachtige windstoten hadden tot
gevolg dat op verschillende plaatsen langs de Nederlandse kust de dijken doorbraken. Grote
gebieden stroomden onder. Een groot gedeelte van de provincie Zeeland, de Zuid-Hollandse
eilanden en de het westen van Noord-Brabant werden zwaar getroffen.
|
. |
|
Meteen na de
rampnacht van 1 februari werd er een nationaal comité opgericht om de hulp aan de
getroffen gebieden te coördineren. Op veler verzoek, waaronder een telegram van postzegelvereniging Zeeuwsch-Vlaanderen, verscheen er binnen 10 dagen een postzegel (hier links) met een toeslag van 10 cent ten bate van het Rampenfonds (NVPH nr 601). De Amsterdamse ontwerper J.E.Cserno ontwierp op eigen initiatief een watersnoodzegel (hier rechts). Toen dit ontwerp aan de PTT werd aangeboden was de productie van de weldadigheidszegel al in volle gang en het voorstel werd dus afgewezen. |
|
. |
| Besloten werd tot gebruik van een bijzonder eerste-dag-stempel op een
speciale eerste-dag-enveloppe.
In tegenstelling tot de semi-officiële enveloppen die sinds 1950 door de postzegelhandel
waren uitgegeven, werd de watersnood-eerste-dag-enveloppe een uitgave van het Nationaal
Rampenfonds.
De enveloppe werd verkrijgbaar gesteld op alle postkantoren met een verzamelaarsloket,
maar was ook rechtstreeks te bestellen bij het Comité Watersnoodpostzegels en te koop bij
de postzegelhandel (als FDC E12). De Eerste-dag-enveloppe (FDC) werd verkocht voor 50 cent per stuk. Hieronder een echt gelopen exemplaar. |
|
Er werden ruim 120.000 FDC's verkocht in een periode van 8 dagen. |
. |
De stormramp leidde ook tot uitgifte van postzegels met toeslag in de
Nederlandse Overzeese gebieden, zoals Nederlands Nieuw-Guinea, Suriname en de Nederlandse
Antillen. |
|
|
|
|
![]() |
| . |
| Ook in Suriname verscheen een Eerste-Dag-Envelop. Er waren
2 zegels in gebruik. De zegel van 7½ cent werd overdrukt met 12½ c + 7½ c, de zegel van 12½ cent werd overdrukt met 20 + 10 c. Hieronder een aangetekende brief van Paramaribo naar Amsterdam met beide speciale zegels. |
|
. |
De posterijen op onze Nederlandse
Antillen presenteerden ook een speciale luchtpostbrief met opdruk: |
|
|
. |
De PTT zette ook 3 autopostkantoren in om door het land te
rijden om watersnoodzegels te verkopen. |
|
|
|
|
Ook werden meteen al in februari vlagstempels geplaatst op alle post in
Nederland |
|
|
| . |
Onderstaande
briefkaart werd op 3 maart 1953 verstuurd van Amsterdam naar Frankrijk. |
||
|
||
| . | ||
|
Onderstaande luchtpostbrief werd verstuurd vanaf Centraal
Station Amsterdam op 13-II-1953 |
||
|
|
||
|
. |
De watersnoodzegels waren te koop vanaf 10 februari tot en met 31
maart 1953. |
. |
|
||
Door allerlei instanties werden
activiteiten ondernomen om zoveel mogelijk
geld in te zamelen voor de getroffenen van de Ramp. |
||
. |
|
||
|
In Zeeuwsch-Vlaanderen vielen 10 slachtsoffers tijdens
de ramp, waarvan 2 kinderen uit de Gemeente Terneuzen. |
||
|
Hoe ging het nu verder? Om niet weer zo een catastrofe te laten gebeuren lanceerde de Nederlandse regering het zogenaamde "DELTAPLAN" dat Nederland moest beschermen tegen extreme omstandigheden zoals storm en springvloed. Het project zou bijna 30 jaar in beslag nemen om gerealiseerd te worden. En het zou uiteindelijk biljoenen Nederlandse guldens kosten. Er zouden 4 dammen worden gebouwd, waarvan 2 met afsluitbare gedeeltes en verscheidene kleinere dammen in het achterland. Alle dammen bij elkaar zouden het directe contact met de zee met meer dan 70 kilometer terugbrengen. Tegelijkertijd zou er een zoutwater reservoir ontstaan aan de landzijde. Nieuwe wegen moesten er komen over de dammen. Nieuwe recreatie-terreinen zouden ontstaan met uitzonderlijke aantrekkingskracht voor toeristen, waardoor een belangrijke bron van inkomsten zou kunnen ontstaan.
|
|
|
|
| In bovenstaande tekening van Zuid-West Nederland is zwart de zee, groen het land en wit het ondergestroomde gebied tijdens de ramp. | Deze tekening geeft aan waar na de uitvoering van het Deltaplan zoetwater-gebieden ontstaan uit rivieren (lichtblauw) en waar zoutwater gebieden komen (stilstaand water) (donkerblauw). |
![]() Hierboven de Nederlandse postzegel (nvph 1002) uit 1972 met het Deltaplan uitgebeeld door R.J.Draijer. Hieronder de serie Zomerzegels (nvph 722-726) uit 1959 met sfeerbeelden van de Deltawerken getekend door Lex Horn: Caisson met slepers, baggermolen, rijshoutwerkers, draglines, en zandspuiten. |
|
|
|
|
|
|
|
|
In 1986 zijn de Deltawerken compleet ! Op 4 october 1986 verklaarde Koningin Beatrix de Deltawerken voor compleet. Het meest moeilijke project was de afsluiting van de Oosterschelde met een dam met afsluitbare schuiven, de zogenaamde Stormvloedkering. Over deze dam was een autoweg, maar het duurde nog enkele maanden voordat de weg echt kon worden gebruikt. |
|
|
|

. |
| Auteur: A.C.Oomens, Terneuzen, januari 2003. De illustraties bij dit artikel zijn afkomstig van materialen uit collecties van A.Lensen en A.Oomens (PZV Zeeuwsch-Vlaanderen) en Mevr. M.Y.Roos-'tHart alsmede uit het Handboek Postwaarden Nederland. Informatie werd ook geput uit het boek "De Ramp", het Handboek Postwaarden Nederland, de NVPH catalogus en de Provinciale Zeeuwse Courant (PZC) van 10 januari 2003. |
||
. |
|
|
| Hieronder staan een aantal "Eerste-Dag-Enveloppen" (First Day
Covers = FDC) die zijn uitgegeven in aanvulling op de "officiële" FDC nummer E12 van de Nederlandse Vereniging van Postzegelhandelaren (NVPH) die in het artikel hierboven wordt weergegeven. |
| Allereerst de "gewone" FDC met een privé opdruk van de Pestalozzi Stichting. |
|
Hieronder een alternatieve FDC uitgegeven door de Philatelistische Dienst van de toenmalige PTT. |
|
. |
| Toen in 1986 bij het gereed komen van de Deltawerken een FDC werd uitgegeven onder nummer E239, dacht iemand iets bijzonders te fabriceren door de Watersnoodzegel NVPH 601 en het watersnoodstempel (gewoon gekopiëerd uit de catalogus) uit 1953 erbij te zetten. Puur maakwerk dus. Zie hieronder. |
|
| (met dank aan Cees Janssen. voor het verschaffen van deze extra enveloppen) |
. |